Het begon met een droom. Zijn droomvrouw. Zwart haar tot net boven haar schouders, bruine ogen en zo’n 1.70 lang. Hij vond het ironisch dat hij zijn droomvrouw ontmoette in zijn droom.
Hij liep door de binnenstad van Zutphen, om de een of andere reden moest hij op zoek naar haar. Hij wist dat de kans dat hij haar vond klein was, minimaal zelfs. Toch ging hij zoeken, in winkels,steegjes, cafés. Het was eind november, mistig en koud. Als ze al bestond dan was ze nu niet buiten, wie had er ook gezegd dat ze in Zutphen woonde. Misschien woonde ze wel aan de andere kant van de wereld. In gedachten ging hij weer terug naar z’n droom.
Het was een koude winteravond, hij was verdwaald of aan het rondtrekken en hij belde aan bij een groot huis. Een vrouw deed open. Ze bood hem, nadat hij het vroeg, een slaapplaats aan zolang als hij nodig had. Het enige wat hij ervoor moest doen was de school volgen die zij en haar man hadden.
De dag erna stond hij vroeg op, maakte zich klaar en volgde de vrouw naar het klaslokaal. Hij ging aan een tafel zitten en naast hem kwam ze zitten. Zijn droomvrouw. Ze glimlachte naar hem en pakte haar boeken. Hij vroeg of hij met haar mocht meekijken, dat mocht. Ze rook naar… naar van alles. Warme appeltaarten, koffie met amaretto wanneer je van de kou in een warm huis komt. Ze rook naar veiligheid, ze rook zoals ze er uit zag.
De les was afgelopen en ze bleven nog even zitten. Ze spraken over van alles en langzaam kwamen hun gezichten dichter bij elkaar. Ze deden beiden hun ogen dicht en zoenden elkaar. Het was een 5 seconden durend stukje hemel voor hem.
Plotseling werd hij wakker. Hij baalde als een stekker en deed z’n best om weer in slaap te komen, maar de slaap wilde hij niet meer vatten. De rest van de nacht bleef hij, bijna geobsedeerd nadenken over z’n droomvrouw.
Hij bleef nog een uur door de stad zwerven, kijkend in winkels en cafés. Toen hij zichzelf er van had overtuigd dat het geen zin meer had ging hij terug naar huis. Met elke minuut nam het beeld wat hij in z’n hoofd had af. Zijn droomvrouw bestond alleen in zijn hoofd.
Doordat hij die nacht niet had geslapen besloot hij op de bank te gaan liggen met de radio aan. Langzaam gingen z’n ogen dicht en viel hij in slaap.
De droom ging verder. Dit keer waren ze in zijn huis. Zij zat op de bank en hij was in de keuken eten aan het maken. Ze kwam de keuken inlopen, greep hem vast van achteren en legde haar hoofd op z’n rug. Hij pakte haar handen vast en draaide zich om. Ze omhelsden elkaar en zoenden. Weer dat fijne gevoel, weer die veiligheid. Ze ging weer op de bank voor de tv zitten en hij ging verder met koken. Toen het eten klaar was, schepte hij het eten op 2 borden en bracht haar een bord. Hij ging naast haar zitten en samen aten ze. Ze glimlachte naar hem en zei dat hij lekker had gekookt. Hij glimlachte terug.
Weer werd hij wakker. Dit keer pakte hij een potlood en papier en probeerde haar na te tekenen. Na een kwartier was hij klaar, keek er naar en knikte. Hij hing de tekening op z’n koelkast en ging er voor staan. Hij had haar op papier gezet. Zijn droomvrouw kon hij nu laten zien aan ieder die hem er om vroeg.