Category : Algemeen

Algemene gaarheid.

We rijden over een verharde weg die hier al tientallen jaren ligt, zonder enig onderhoud. Aan de zijkanten is het afgebrokkeld. Ik vermoed dat er niet zoveel auto’s over rijden.

”We zijn er bijna volgens de TomTom.” zegt Matthew. Hij heeft de opdracht gekregen voor me te zorgen tijdens mijn verblijf in een klein plaatsje waar ik de naam niet eens van uit kan spreken. Van de dokter moet ik een tijdje rust zoeken en uit de grote stad. Normaal woon ik in London maar de komende drie maanden woon ik in een klein plattelandsdorpje. Ik heb er een hard hoofd in. Ik heb een hutkoffer met kleren mee en voor me op de grond ligt m’n laptoptas. Speciaal voor deze tijd heb ik een notebook gekocht. In mijn hoofd schieten scenes van oude mensen die nooit uit het stadje zijn gekomen. Een gesloten gemeenschap waar je niet makkelijk inkomt. Een ouderwetse slager, bakker, dat soort dingen. We rijden een bocht om en komen op een klinkerweg. Ik zie mooie huizen, een veld met lavendel en een kleine kerk. Matthew trapt op de rem voor een fietser. Het is een mooie jongedame, ik schat haar 23 jaar. Ze glimlacht en steekt haar hand op. Ik kijk haar na terwijl ze doorfietst, als zij bij dit gehucht hoort kan ik mijn tijd wel doorkomen. We rijden weer verder naar het adres wat we via internet hebben gevonden. Op het grindpad staat al een auto, een hele oude pick-up truck. We stappen uit en lopen naar de deur. Ik neem het huis in me op, het is een groot, oud huis zoals je het alleen in dit soort dorpjes vindt. Matthew kijkt achterom en glimlacht.

”Wat is er?” vraag ik en loop naar de deur.

”Ik ben blij dat ik mee moest. Kijk dan naar dat huis.” zegt hij en ik druk op de deurbel.

”Verwacht er niet te veel van. Het zal wel erg saai worden. Volgens mij heeft dit boerengehucht niet eens een pub.” ik hoor voetstappen aankomen. Er wordt wat gerommeld aan de deur waarna hij open vliegt.

”Jij moet David zijn.” zegt een grote man van achter in de zestig met een grijs baardje. Hij heeft een breed postuur, typisch een boer.

”Dat klopt.” ik steek m’n hand uit.

”John McCormick.” zegt hij terwijl hij m’n hand aanneemt.

”Dit is Matthew. Hij heeft de taak op me te passen de komende maanden.” zeg ik en Matthew en John schudden elkaar de hand.

”Op je te passen?”

”Zullen we het daar binnen over hebben?” vraag ik en John knikt. We lopen naar binnen en ik kijk mijn ogen uit. Het is precies zoals ik me had voorgesteld. Oud en bijna antiek. Toch ziet het er niet uit als een stoffige bende. Het heeft iets weg van een schrijvershuis. Mijn huis. We komen aan in de keuken en gaan aan de grote keukentafel zitten.

”Dus waarom moet Matthew op je passen?” vraagt John.

”Ik mag niet met m’n werk bezig zijn.” zeg ik. ”Ik heb me het afgelopen halfjaar opgesloten in m’n huis, mezelf laten verslonzen, amper naar buiten geweest en wanneer ik boodschappen moest doen haalde ik alleen maar kant en klaar eten. Ik werd ziek en ging naar de dokter die gelijk een goede vriend van de familie is. Hij was verbaasd over wat ik mezelf had aangedaan en gaf me het advies om hier naartoe te gaan.”

”Hoe heet de dokter.” vraagt de man.

”Dokter Miller.” zeg ik en de man knikt.

”En verder?”

”Ik ben een schrijver. Het was of helemaal niks meenemen of een notebook kopen zodat ik tenminste nog iets kon doen. Niet met m’n boeken bezig maar met de korte verhalen.” zeg ik. De man staat op.

”Thee?” vraagt John.

”Lekker.” zeggen Matthew en ik in koor. John zet de waterkoker aan zet drie kopjes klaar.

”Je zal wel merken dat we hier niet zoveel vreemden gewend zijn.” zegt John en komt weer zitten.

”Gesloten gemeenschap?”

”Juist een hele open gemeenschap. Ze zullen je het hemd van het lijf vragen. Vooral mevrouw Kellisson, dat is de roddeltante hier. Als je nieuws wilt verspreiden ben je bij haar aan het goede adres.” zegt John, een glimlach ontsnapt.

”Vraag naar die leuke dame op de fiets.” fluistert Matthew in mijn oor. Ik schud mijn hoofd. Dat zou het mysterie wegnemen. En het zou makkelijk zijn. Waarom zou ik het mezelf makkelijk maken voor de verandering?

”Ik zal jullie zo meteen een rondleiding geven door het dorp.” zegt John. ”En David, we hebben wel een pub hoor.” zegt hij met een brede grijns. Ik voel dat ik een rood hoofd krijg.

”Daar zal hij elke avond wel uit gevist moeten worden.” zegt Matthew lachend.

”Dan past hij wel tussen de stamgasten.” zegt John lachend. Matthew moet er ook om lachen.

”Ik kijk nu al uit naar vanavond.” zeg ik en kijk uit het raam naar buiten. Ik zie de meid van net langsfietsen. Een kleine glimlach verschijnt op m’n gezicht. John kijkt ook uit het raam.

”Ah, Sarah.” zegt hij en lacht. ”Hét meisje van dit dorp. Ze werkt in de pub vanavond, ik zal jullie wel voorstellen. Ze heeft altijd al een schrijver willen ontmoeten.”

”En David altijd al zo’n mooie dame.” zegt Matthew. Ik lach nerveus en krijg een vermoeden dat Matthew het me niet makkelijk gaat maken vanavond.

”Afijn, ik zal jullie rondleiden.” zegt John en staat op. ”De thee komt straks wel.”

 

 

Misschien wordt dit ooit nog wel vervolgd. Just let me know.

Author: Martin 3 days ago

”Drie keer raden wie er dood is.” zei Marcus en gooide Tony een biertje toe.
”Wie?” vroeg Tony en maakte z’n biertje open.
”Onze grote vriend.” een vragende blik kwam Marcus’ kant op. ”Alexander.”
”Serieus? Hoe?” Tony nam een slok bier.
”Van wat ik heb gehoord is ie in z’n rug doodgeschoten door één of ander jong gangstertje dat hij had beledigd.”
”De wereld is beter af zonder.” Marcus ging zitten en haalde z’n schouders op.
”Ik weet het niet. Hij… heb je een sigaretje?”
”Ja, tuurlijk.” zei Tony en gooide Marcus een pakje shag toe.
”Dankje.” Marcus draaide een sigaret en gooide het pakje weer terug. Uit zijn borstzak haalde hij een aansteker en stak de sigaret aan, inhaleerde diep en blies langzaam uit. ”Ik zou bijna weer beginnen.” zei hij.
”Maar je was aan het vertellen?”
”Ja.” Marcus nam snel een hijs. ”Het is zo… makkelijk. Een jochie dat niet weet wie hij is knalt hem dood, klaarlichte dag en getuigen.”
”Opgeruimd staat netjes, toch?” zei Tony en stak ook een sigaret op.
”Vind je het niet iets te makkelijk? Hij was zo paranoïde als de pest, ging nooit de deur uit zonder kogelvrij vest en op de dag dat hij het wel doet wordt ie doodgeschoten.”
”Jij zoekt overal complottheorieën achter.” Tony nam een slok bier.
”Waar nu weer achter?” vroeg Blob.
”De dood van Alexander.” zei Tony met een zucht.
”Ik zeg het niet graag maar ik ben het met Marcus eens. Het is wel iets te makkelijk gegaan.” een doffe knal klonk toen Blob zijn tas op de grond gooide en ging zitten.
”Wat heb je daar in zitten man?” vroeg Marcus en keek naar de tas.
”Wasdag.” zei Blob. ”De wasmachine thuis is kapot.”
”Dus doe je het hier maar?” vroeg Tony. Marcus gaf Blob een biertje.
”Alsof ze hier opkijken van een beetje extra was.” Blob opende het biertje en nam een flinke slok. Het stel zweeg.
”Zet de tv eens aan.” zei Tony die zijn benen op het tafeltje legde. Marcus stond op, deed de tv aan en gooide de afstandsbediening naar Tony die begon te zappen.
”Misschien is er iets over Alexander op het nieuws.” zei Blob. Tony veranderde van kanaal.
”Deze beelden kunnen schokkend overkomen.” zei de nieuwslezer. Ze lieten beelden zien uit een oorlogsgebied. Lijken, bloed, explosies, geweerschoten. Voor hun was het dagelijkse kost. Het filmpje stopte en een foto van Alexander kwam in beeld.
”Mooie foto.” zei Marcus. Het stel moest lachen.
”Vanmorgen is de, door de politie gezochte, Alexander G. doodgeschoten. Alexander G. werd gezocht wegens drugshandel, mensensmokkel, handelen in vuurwapens en meerdere moorden. Ooggetuigen hebben verklaard dat de dader een jonge man was met een getinte huidskleur. De politie wil niks kwijt over het motief of de dader.” de foto verdween en Tony zapte weer verder. Marcus nam een trek van z’n sigaret en een slok bier.
”Typisch mannen.” zei Jade terwijl ze binnenkwam. Ze knipte in haar vingers en wees naar Tony die meteen z’n benen van tafel haalde.
”Ook hallo.” zei Marcus en hief z’n flesje bier.
”Jezus. Wat is die stank?” vroeg Jade en keek automatisch naar Blob.
”Wasdag.” zei Blob gegeneerd.
”In dat geval. Doe de was. Dag.” Jade liep naar de koelkast en haalde er een flesje water uit.
”Kom. Drink een biertje met ons. Het is vrijdag.”
”Ik moet nog rijden en ben wel verantwoordelijk.” Jade ging bij Marcus aan tafel zitten. Blob stond op en liep de ruimte uit met de tas in zijn handen.
”Waar heb jij last van? Zit je dildo nog in je reet?” vroeg Marcus. Jade antwoordde met een ferme knal tegen zijn schouder.
”En waar was je gisteren eigenlijk?” vroeg Tony.
”Ik dacht eergisteren mijn vriend te verrassen met een pizza en wat bier. Ligt ie met een ander in bed. Als ik m’n uitrusting bij me had waren er twee moorden in het nieuws.” Jade nam verwoed een slok water.
”Sorry, Jade.” verontschuldigde Marcus zich.
”We kunnen wel bij hem op bezoek gaan.” stelde Tony voor.
”Nee, het is al goed.”
”Als we iets voor je kunnen doen.” zei Tony en hief z’n flesje. Jade glimlachte. Het stel keek naar de televisie wachtend tot de baas de dag officieel beëindigde.
Na een kwartier kwam Blob de ruimte binnen en ging zitten.
”Gelukt?” vroeg Tony.
”Ik heb gedropt bij Lucas, maandag is het klaar.” Blob nam een slok bier dat nu lauw was. Een ringtone klonk en Jade haalde haar telefoon tevoorschijn. Ze zuchtte en stopte haar telefoon weg.
”Wie heeft er zin om de kroeg in te gaan?” vroeg Jade. Het stel haalde hun schouders op. ”Ik bel m’n vriendinnen of ze ook mee gaan.”
”Klinkt goed.” zei Marcus.
”Voor mij een blondine graag.” zei Tony en hief z’n flesje. Het gezelschap keek naar Blob.
”Ik weet het niet.” zei hij en nam een slok bier.
”Je moet er op uit, grote jongen.” zei Tony.
”Iemand moet ons beschermen.” zei Jade en dronk het laatste beetje water uit het flesje.
”Het wordt gezellig.” zei Tony. ”En anders heb je altijd nog bier.”
”Oké, eventjes.” zei Blob.
”Mooi. Ik zal de dames bellen.” Jade stond op en pakte haar telefoon.
”Blondine!” riep Tony haar na toen ze de ruimte verliet.
”Mannen. Een goed weekend.” klonk er buiten de ruimte.
”’Hetzelfde, baas!” riepen ze in koor.

Author: Martin 44 days ago

Hij voelde zich weer even jong. Alsof hij achttien was met de kennis die hij had opgedaan in de afgelopen jaren. Het was onschuldig. Gewoon een sigaret en een borrel delen.
Hij proefde de lippenstift op het sigarettenfilter, het deed hem denken aan de tijd dat zijn vrouw nog rookte en hij af en toe een trekje nam.

Hij was een charmante jongeman toen hij haar ontmoette. Kort, donkerbruin haar dat hij later langer liet groeien. Ze was verliefd geworden op zijn helder groene ogen die nu een grijze waas over zich hadden.
Ze waren alleen nog bij elkaar om het vertrouwde. Van elkaar aanvullen was geen sprake meer na het verliezen van hun twintig jarige dochter in een auto ongeluk waarvan zij hem de schuld gaf. Hij had haar immers overstuur weg laten gaan. Sindsdien was er van liefde geen sprake meer.

De rimpels tussen zijn ogen worden dieper wanneer hij een bezorgde blik aanneemt.
”Waar denk je aan?” vraagt ze en geeft de sigaret aan hem.
”Het verleden.” zegt de man. Hij neemt een trek van de sigaret en proeft weer de lippenstift. Hij kijkt naar haar en vraagt zich af of ze verder kijkt dan zijn oude en geleefde gezicht. Misschien ziet ze de kleine fonkeling in zijn ogen wanneer hij naar haar kijkt.
”Je hebt vast mooi verhalen.” zegt ze. Ze hebben nooit echt gepraat. Alleen zakelijke gesprekken en het gebruikelijke gebabbel over koetjes en kalfjes. Hij weet niet eens of ze een vriend heeft. Of huisdieren.
”Verhalen die een jonge meid als jij niet wil horen.” zegt de man en neemt een slok.
”Probeer het eens.” zegt ze en glimlacht. De man schraapt z’n keel en neemt een trek van de sigaret.
”Ik denk echt dat het beter is van niet.”
”Misschien komt het er nog een keer van… bij de volgende borrel.” ze plaatst haar hand op zijn arm en kijkt hem in zijn ogen. Hij glimlacht terwijl ze dichterbij komt met haar lippen.
Zijn vrouw. Ooit de liefde van zijn leven. Nu slechts een obstakel om te doen wat hij werkelijk wil. Die zachte, volle lippen zoenen en de liefde met haar bedrijven.
”Laten we maar weer naar binnen gaan.” zegt de man en staat op. Ze bekijkt hem met een mengeling van teleurstelling en verbazing.
”Ja. Laten we dat doen.” zegt ze teleurgesteld en volgt hem naar binnen.

Author: Martin 81 days ago

Een oudejaarsfeest bij vrienden van Charlotte, mijn vriendin. Het zijn niet mijn type mensen, niet op een negatieve manier bedoeld maar ze zijn volkomen anders dan dat ik ben.

Als het aan mij had gelegen waren we thuis gebleven, zoals ik elk jaar deed. Maar dit jaar niet, dit jaar is zij in mijn leven gekomen en met haar, nieuwe vrienden die hun best doen mij thuis te laten voelen in hun kring, wat aardig lukt.

We zijn nog maar net binnen of ik krijg een biertje in m’n handen gedrukt en mijn vriendin een glas wijn. Ik groet iedereen en ga naast m’n vriendin zitten. We zijn bij Edgar en Wendy en worden vergezeld door Amanda en Sven. Ze laten graag hun rijkdom zien en en willen dat iedereen weet wat voor opleiding ze hebben gevolgd. Af en toe komen ze over kleine verwende kinderen die anderen belachelijk maken omdat ze niet dezelfde dure kleren dragen of een eigen stijl hebben. Ik neem het maar op de koop toe, voor mijn vriendin. Ze doet hetzelfde bij mijn nukken.

”Heb je nog goede voornemens?” wordt me gevraagd door Amanda.

”Nee, dat is jezelf voorliegen en meedoen met de massa.” zeg ik met een por van Charlotte als gevolg. Ik merk dat er ineens een ongemakkelijke sfeer hangt.

”Goede voornemens kan je elke dag van het jaar doen. Een jaarwisseling is inderdaad schijnheilig.” zegt Sven om de sfeer terug te brengen. Met resultaat.

”Mensen willen het jaar goed beginnen, dat begrijp ik wel.” zeg ik en neem een slok bier. ”Het is jammer dat de meeste na twee maanden alweer opgeven.”

”Het grappigste is nog wel mensen die meer willen sporten en gezonder eten.” zegt Edgar. De dames kijken beledigd. Voor de verandering ben ik eens niet de gebeten hond.

”Red je hier maar eens uit!” roept Sven lachend.

 

Nog een paar minuten en dan is het twaalf uur. Ik pak m’n telefoon en wens mijn vrienden alvast een goed jaar.

Edgar knalt al een fles champagne open en schenkt de glazen vol. Ik neem een slok bier en kijk naar de klok die ik al sinds ik uit huis ben niet meer heb gezien. Nog een minuut.

Edgar en Sven kijken elkaar grijnzend aan, hun handen onder tafel. Wat ze ook van plan zijn, Wendy en Amanda zullen boos worden.

Nog dertig seconden. Charlotte pakt m’n hand en knijpt er in. Haar blik zegt genoeg en ik geef haar een kus.

”Nog niet!” roept Amanda en begint te lachen.

”Het was een gewone kus.” zegt Charlotte verdedigd en neemt een slok wijn. Wendy staat op en deelt de champagne uit, ik vermoed dat het geen champagne is die je in één keer achterover hoort te slaan.

”Gelukkig nieuwjaar!” schreeuwen Edgar en Sven terwijl zo overeind schieten en een confetti knaller laten ontploffen. Honderden confetti snippers vliegen door de lucht gevolgd door hard lachen. Alsof afgesproken staat iedereen op met de champagne. Ik kus Charlotte.

”Gelukkig nieuwjaar.” zeg ik en kus haar weer.

”Jij ook, lieverd. We gaan er een mooi jaar van maken.” zegt ze en plaatst een kleine kus op m’n neus. Daarna vliegt ze Amanda om de nek en geeft haar die zoenen.

”Ja, je moet er aan geloven.” zegt Wendy en geeft me drie zoenen.

”Al het goede.” zeg ik. Ik wacht tot Edgar komt naar me toe, pakt m’n hand en knijpt er een beetje in.

”Gelukkig nieuwjaar.” zeggen we tegelijk en proosten. Sven wringt zich langs Amanda en Charlotte en wenst me ook een goed nieuw jaar.

We proosten allemaal en nemen een slok. Meteen begint Edgar op te scheppen op de champagne.

 

We kijken in de serre op het dak naar het vuurwerk. Ik snap niet hoe mensen in deze tijd zoveel kunnen uitgeven aan vuurwerk. Het is ook wel weer een mooie gedachte dat we bij sommige dagen schijt hebben aan de situatie.

”Kijk die eens.” zegt Charlotte en wijst in de verte. Een explosie van groen en rood in een volmaakte cirkel gevolgd door paars en geel. De serre op het dak is perfect om naar het vuurwerk te kijken en ik complimenteer Edgar er dan ook mee. We blijven zeker nog een minuut of twintig staan tot we weer naar beneden gaan. Edgar schenkt me nog champagne in en zet de fles aan de mond tot groot plezier van Sven en de dames. Ik hef m’n glas en sla het in één keer achterover. Toch nog een kleine traditie in stand gehouden.

Author: Martin 140 days ago

Ze had me kunnen laten glimlachen wanneer ze de kerstboom op had gezet en mij het lelijkste paar sokken gaf. Ik zou der een kus geven en de hele kerst op m’n nieuwe sokken lopen. Misschien wel het enige paar zonder gaten.

 

Ze had me de hele dag kunnen helpen het eten voor te bereiden voor het kerstdiner dat we zouden geven voor vrienden. Zij had me overgehaald het te doen. Geen cadeaus. Alleen eten, drank en vriendschappen. Ze zou vertellen hoe ik heb lopen vloeken terwijl ik aan het koken was omdat het eten iets aanbrandde of dat ik gaspitten te kort kwam, de oven niet werkte naar behoren of kokend water over m’n hand.

 

Ze had kunnen zeggen dat we morgen wel zouden opruimen en nu in bed een film zouden kijken. Zij met een glas wijn, ik met whiskey. Een film die zij wil zien, feel good en zoetsappig. Ik zou in slaap vallen na m’n 3e glas whiskey.

 

Ze zou me meegesleept hebben naar mijn en haar ouders om koffie te drinken op 2e kerstdag. Ik met een lichte kater en in ongemakkelijke kleding. Ze zou weten dat ik het haat, al die verplichtingen maar ik zou er ‘s avonds voor beloond worden.

 

Ze had kunnen zeggen dat ze het gezellig vond en met oud en nieuw wil ze alleen met me zijn. Hapjes, een drankje en om 12 uur naar buiten het vuurwerk kijken.

 

Ze had het kunnen doen. Maar ze deed het niet.

Author: Martin 153 days ago

 

God, ouwe makker! Lang niet gesproken.. Hoe is het nou?

Het is misschien al wel weer een tijdje geleden dat ik wat van me het laten horen, nog excuus daarvoor, maar voordat de wereld vergaat wil ik nog even een paar dingen rechtzetten.

  1. Dat vloeken dat ik doe.. is een grapje, begrijp je natuurlijk wel.
  2. Dat drinken is allemaal in jouw naam. Het is dan niet het bloed van je zoon, maar als je z’n urine drinkt ben je wel iets fanatieker.
  3. Al die keren dat ik Chris op een niet zo’n leuke manier omschreef.. geintje natuurlijk. Ik weet ook wel dat hij geen LSD slikkende junk met een vadercomplex was.
  4. Sorry voor al die Maria’s waar ik aan vroeg of we een 2e Jezus zouden maken. Het heeft wel gewerkt trouwens.
  5. Ik had de Kerk geen geaccepteerde waanzin mogen noemen en die bliksemschicht had ik verdiend.
  6. Je moet me geloven, ik was echt aan het bidden met die meiden. We hebben vaak genoeg je naam geroepen.
  7. Sorry dat ik je vergeleek met een vrouw. Maar het is wel zo, jij schrijft een boek over hoe slecht de duivel wel niet is en maakt hem belachelijk en wat doet hij? Precies.

Nou, dat was het wel zo’n beetje. Als ik iets ben vergeten, hoor ik het graag aan de hemelpoort.

Ja, dat was een hint.

Het liefst eet ik Italiaans. Drink ik groene ranja. Voor de borrel Jack Daniels en ik rook Brandaris.

Mocht je daar geen winkel hebben, laat het me even weten dan haal ik het nu nog even.

 

Met vriendelijke groeten en tot snel!

Author: Martin 156 days ago

Buiten, op het bankje tegenover het ziekenhuis zitten een man en vrouw. Ze hebben het over de constante wisseling van vreugde en verdriet in dat bewuste ziekenhuis. Read more

Regen valt op de met klinkers belegde straten terwijl de bladeren dansen met de wind die hun zo even van de takken hebben gerukt. De open haard brand met de hond die er voor ligt. Een glas whiskey en karameltabak in mijn pijp. Read more

Author: Martin 255 days ago

Licht reflecteert op mijn gezicht. Het komt van mijn telefoon, de telefoon die mijn oren vult met muziek. Ik overdenk alles. De kans is groot dat ik hier de hele avond blijf zitten. Jammer is dat er een weg achter me ligt die druk bereden wordt. Ik glimlach wanneer het rustiger wordt en ik alleen mijn muziek nog hoor. Hoe vaak ik dit wel niet heb gedaan. Niet per se aan het water. Soms in het park, op het dak, op de brug boven de snelweg of gewoon met jazz en een sigaret op mijn kamer. Ik steek een sigaret op en neem een trek. Stoppen met roken. Ja, dat zou ik eigenlijk moeten doen. Net als naar de sportschool gaan en gezonder eten. Dat is voor later. Van uitstel komt afstel, mijn argument daartegen is: beter laat dan nooit.
Mijn gedachten nemen al snel een afslag naar de herinneringen. Herinneringen die ik om redenen weg heb gestopt. Af een toe een foto, een naam of een nummer dat me er aan doet denken, met als gevolg een steek in mijn hart. Weer die steek. Ik zet mijn muziek harder en neem wild een trek van mijn sigaret. Alsof de duivel er mee speelt komt haar nummer er op. Ik geef me over aan mijn gedachten, die me mooie dingen laten zien. Ik sluit mijn ogen en geniet. De steek ebt weg, mijn hart kalmeert bij de gedachte dat ik die avond heb gehad.

Wanneer ik mijn ogen open doe is het ochtend en fris. Ik rek me uit en sta op. Mijn rug is zo stijf als een plank. Ik loop naar huis, de paar honderd meter zonder koffie moet wel lukken.
Ik sta voor mijn deur en doe hem open, loop naar de keuken en zie haar staan.
”Een kopje koffie, zwart.” zegt ze met een glimlach en geeft me het kopje. Ik glimlach terug en neem een slok. Ik ga aan de keukentafel zitten en steek een sigaret op. Met elke slok word ik wakkerder en realiseer me dat het niet kan. Ondertussen is ze naast me komen zitten. Ik kijk haar sceptisch aan en neem nog een slok koffie.
”Je bent hier niet.” zeg ik.
”Jij ook niet.” zegt ze en pakt mijn hand. Het voelt echt. Ze komt dichterbij en geeft me een kus op mijn mond. Wanneer ze haar hoofd weg trekt en ik mijn ogen opendoe zie ik water en voel ik het koude ijzer van het bankje waar ik op zit.
Ik mompel iets en sta op. Het was ook te mooi om waar te zijn.

Thuis aangekomen neem ik een glas whiskey, steek een sigaret op en ga onderuit op de bank zitten. Ik heb weer een herinnering die ik weg ga stoppen. Die ik, op avonden zoals deze, te voren tover om dan in zelfmedelijden op de bank weg te kwijnen. Ik neem een slok whiskey en een trek van mijn sigaret. Ik kan niet helpen af te vragen of ze ook aan mij denkt af en toe. Het zal wel niet, denk ik en zet m’n glas neer, druk mijn sigaret uit en gooi m’n voeten op tafel. Ik vloek binnensmonds en sluit mijn ogen.

Author: Martin 256 days ago

Ik kom met m’n lippen bij haar oor en roep er iets in. Ze lacht en stoot tegen m’n schouder aan. Ik ken haar net, amper twee uur. We dansen verder in de drukte en benauwdheid. Mijn shirt plakt tegen mijn lichaam, net als mijn broek. Ik wist niet dat ik kon dansen. Tenminste, dansen op deze muziek die ik alleen ken van vroeger toen ik nog elk weekend uitging, aan de bar hing met vrienden en mensen observeerde. Nu maak ik het mee, een paar jaar te laat maar ik maak het mee. Ik voel handen op m’n rug en schouders van mensen die willen passeren. Ze roept iets in mijn oor, haar lippen raken mijn oor. Ik heb geen idee wat ze zei, ik knik en lach. De goede reactie. Ik bedenk me dat dat mijn leven is. Bluffen, veel bluffen en weinig weten over veel dingen. Behalve politiek, dat boeit me niet. Ik word naar haar toe gedrukt, ik lach ongemakkelijk. Het is een ongemakkelijke afstand, zo’n afstand die je hebt wanneer je elkaar aan het uitdagen bent, net niet tegen zoenen aan. Ik trek m’n wenkbrauwen op. Ze moet lachen en geeft me een kus op de wang. Ik ben verbaasd. Dat, en ik heb meer bier nodig. Ik kijk de barvrouw aan en steek twee vingers op. Ze tapt twee biertje en ik geef haar vijf euro. De barvrouw geeft mijn wisselgeld ik geef haar een biertje, we proosten.

Het is al laat, normaal zou ik nu op bed liggen. Op bed liggen of schrijven. Drie uur ‘s nachts, drank in mijn lijf, rook in mijn longen. Ik blaas de rook uit naar boven en leun achterover. Ik heb nog genoeg energie, iets wat niet vaak voorkomt wanneer ik al zes uur geen koffie heb gehad. Koffie, daar heb ik nu zin in. Beetje melk, twee zoetjes. Ze komt binnenlopen en pakt m’n sigaret uit m’n hand. Ik steek een nieuwe op. Gezien hoe ze de sigaret vasthoudt is ze een gelegenheidsroker. Niet dat het wat uitmaakt. Ik pak haar glas van de plateau achter me en geef het aan haar, ze houdt het glas omhoog en drinkt. Ik ken haar nu, vier uur. Geen naam, geen Facebook, geen nummer. Wat niet is kan nog komen, en meer van dat soort ongein. Ze zegt dat de tent over een halfuur dicht gaat. Om de drukte voor te zijn stel ik voor na de sigaret te gaan, ze knikt en houdt haar duim omhoog.

Een suis in m’n oor. Gedempt geluid. Honger. We lopen, nergens heen. Gewoon lopen. Zij weet waar we heen lopen, ik niet en het maakt me niet uit. Geen romantische gedachte van; zolang ik maar bij haar. We lopen een steeg in en stoppen bij een grote blauwe deur, uit haar tasje pakt ze haar sleutels en maakt de deur open. Ik loop achter haar aan naar boven, ik kan het niet helpen te fantaseren over haar broek uit.

Koffie. Melk, twee zoetjes. De zon schijnt door een kier van niet sluitende gordijnen. Ik in alleen m’n broek, zij in joggingbroek en een te wijd shirt waardoor haar schouder iets ontbloot is. Ik neem een slok koffie en ga achterover zitten. Ze zegt dat ik kan roken op haar balkon. Alsof ze in m’n hoofd zit. Ik trek de gordijnen open, maak de deur open en stap het balkon op. Ik pak m’n sigaretten en steek er één op, gevolgd door een hoestaanval. Elke ochtend hetzelfde liedje.

Ik geniet van het uitzicht. Daken, schots en scheef, strakblauwe lucht en een vliegtuigje. Ik hoor sissen van boter in de pan, kort geklop en meer gesis. Ik draai me om maar zie niet wat ze maakt. Ik rook m’n tweede sigaret op en neem de laatste slok koffie. Koffiedik kruipt door het kopje. Ik denk aan Harry Potter, in de film lezen ze de toekomst door te kijken in koffiedik. Ik zie er geen vorm in, het is vormloos. Misschien is dat mijn toekomst. Vormloos, blijvende verandering terwijl ik andere plannen maak om te leven. Ik haal m’n schouders op, neem een laatste trek van m’n sigaret, schiet hem vervolgens de verte in en stap naar binnen. Het ruikt naar eieren en gebakken spek.

Aan al het goeds komt een eind. Dit is een tijdelijk eind. Zij gelooft in het lot. Ik moet haar beloven niet op zoek te gaan naar haar wanneer ik weer in de stad ben. Het lot, ik lach van binnen maar laat niks merken. Helaas voor mij ben ik een man van mijn woord. Ik beloof dat ik niet naar haar opzoek ga. Ze pakt mijn gezicht vast en zoent me. Ik blijf het een raar gevoel vinden, twee tongen die elkaar aanraken. Na onze zoen plaatst ze een kleine kus op m’n bovenlip. Ze grapt dat ik me de volgende keer moet scheren. Ik lach en kus haar hand. Ik loop de stad in. Zonnig, warm, mooi. Tijd voor cappuccino.

Author: Martin 293 days ago

Duisternis. Voor me een vrouw rond de dertig in een donkerpaars korset met bijpassende string en zwarte jarretels. Ze zit op een stoel en spreid haar benen, slaat haar recht over haar linker en draait een kwartslag. Ze staat op en gaat achter de stoel staan, ze gooit haar been omhoog die vervolgens op het zitvlak terecht komt. Een jarretel knapt en ze schreeuwt. Een hoge, ijzige toon. Ze begint te zweven, omringt door zwarte mistige slierten een ijzige kou komt me tegemoet en ik zie hoe mijn handen blauw worden.

Ik schiet overeind met een hartslag alsof er net tienduizend volt door m’n lichaam is gegaan. Ik kijk naar het raam dat open staan en het witte landschap wat er door te zien is. De eerste sneeuw van het jaar. Met slaperige ogen kijk ik naar de klok, het is tien uur op een zaterdag. Ik laat me achterover vallen en sluit mijn ogen.

Wanneer ik m’n ogen weer opendoe is het raam dicht, staat er op de wekker dat het zeven uur is en is het maandag. Ik gooi de dekens van me af en sta op. Het is nu nog fris op m’n slaapkamer, in het hele huis eigenlijk. Tegen de tijd dat ik weer thuiskom zal het wel veranderd zijn in een benauwde sauna. Ik verheug me er wel op dat ik dan in m’n onderbroek kan lopen. Ik doe in elke kamer de gordijnen dicht en zet de ventilator op mijn slaapkamer aan. Het is een klein recht ding, zo’n modern geval dat ik kreeg als housewarming cadeau een paar jaar geleden. Geef mij de oude ventilatoren maar. Met metalen poten die vervormen, ingedeukt metaal en een blad dat tikt op de hoogste stand alsof er een stokje tussen wordt gestoken.
”Je moet een gegeven paard niet in de bek kijken.” zeg ik en loop naar beneden. Het koffiezetapparaat pruttelt al lekker en m’n sigaretten liggen op de keukentafel naast een lege, afgewassen asbak. Ik pak een sigaret, steek hem aan bij het gasfornuis en ga op het aanrechtblad zitten. Lenig als ik ben pak ik een koffiebeker en wacht tot de koffie klaar is.

”Kom, we gaan lunchen.” zegt m’n collega Flint. Ik sta op, we lopen langs de bureaus, de gang op, het trappenhuis door en naar beneden. Buiten staat Agnes al met twee koppen koffie naast haar op de vensterbank. Ik groet haar en pak de rechter beker, geef hem aan Flint en pak de enige die nog over is voor mezelf. Flint is vandaag gul en geeft me een sigaret. Dat is maar één keer eerder voorgekomen. Echt geven was het niet, ik gaf hem tien cent voor een sigaret op m’n eerste dag. Ik steek de sigaret en geef Flint mijn aansteker. Dit is de lunch, koffie en een sigaret. Soms neem ik donuts mee, andere keren koffiebroodjes. We zijn altijd met ons drieën, dit is ons moment. Van Flint weet ik alleen dat hij gescheiden is en twee kinderen heeft die hij om het weekend ziet. Agnes is Agnes, ik vermoed dat ze thuis omringt is door katten en ze behandelt als kinderen. We zijn het over één ding eens: onze baas is een arrogante zak. Zo’n type in een dikke bak, een veel te mooie vrouw voor zijn doen, veel te jong ook. Hij verwacht dat iedereen lacht om zijn grappen en de grond aanbid waar hij op loopt. Daar had ik vroeger een manier van aanpakken voor. Kopstoot en een knietje in de buik. Lang leve agressietherapie zal ik maar zeggen.

Zoals verwacht is het thuis een milde versie van de hel. Ik trek m’n schoenen uit en plof neer op de bank. Uit m’n broekzak haal ik mijn telefoon en bestel chinees. Met dit weer koken, ik dacht het niet. Ik zet de televisie aan en kijk een comedy-serie waar ik niet om kan lachen. Flauwe, voor de hand liggende humor. Zo slecht dat ik blijf kijken, gewoon om me te ergeren.
Ik lig half te slapen wanneer de deurbel gaat. Ik sta op en doe open, betaal de bezorger en doe de deur dicht. Er zitten stokjes bij en ik pak uit de koelkast een biertje, met m’n aansteker maak ik hem open en neem een slok.
”Kutdag.”

Author: Martin 301 days ago

Ik zit in zijn stoel in de studeerkamer. Het tikken van de toetsen op z’n laptop is hypnotiserend. Om het kwartier hoor ik hoe de asbakdeksel draait. Het koffiezetapparaat dat op de tafel staat zucht af en toe. Het is fijn hem te zien schrijven, ook al slaat hij er soms in door. Ik zie zijn hand naar de koffiemok grijpen, naar z’n mond brengen en weer neerzetten. Ik sta zacht op uit de stoel en loop voorzichtig naar hem toe. Over z’n schouder kijk ik snel naar wat hij schrijft, vervolgens naar zijn mok. Hij is leeg. Ik pak de mok, schenk er nieuwe koffie in en zet hem op de onderzetter neer.
”Dankje.” zegt hij afwezig en neemt een slok. Weer het tikken van de toetsen. Ik blijf stil achter hem staan en kijk naar wat hij schrijft. Vooral wat hij schrapt. Poëtische woorden, gemaakt in zijn dromen haalt hij weg en vervangt ze door woorden die het publiek beter zal begrijpen. Ik leg m’n handen op zijn schouders, hij pakt ze vast.
”Tijd voor een pauze?” vraag ik. Hij mompelt wat. Na een minuut naar z’n scherm te hebben gestaard draait hij zich om en ik ga bij hem op schoot zitten. De stoel zakt een beetje naar beneden.
”Ik heb honger.” zegt hij en kust me.
”Ik kan een broodje voor je maken. Of een eitje.” zeg ik.
”Eitje is lekker. Maak hem maar zoals ik het lekker vind.”
”Is goed.” ik geef hem een kus en sta op, de deur door, de gang op en de trap af.
In de keuken zet ik een pan op het vuur en doe flink veel boter in de pan. Pak brood uit de kast en snijd er een gat in, doordrenk de snee met de boter en doe er een ei in. Wanneer het ei goed gestold is draai ik het om. Ik wacht twee minuten, pak ondertussen een bord en leg het ei er op. Met het bord in m’n hand loop ik naar boven.
In de studeerkamer zit hij in zijn stoel met z’n kop koffie. Ik geef hem het bord.
”Dankje.” zegt hij en neemt een hap. ”Heerlijk.” klinkt het met volle mond. Ik ga in zijn bureaustoel zitten en lees wat hij heeft geschreven. Ik kijk snel naar de tijd. Het is half drie ‘s nachts, hij is nog klaarwakker en ik weet dat hij niet eerder naar bed gaat voordat hij dit hoofdstuk af heeft.
”Hoe lang wordt het?” vraag ik en draai me om.
”Hooguit een pagina.” zegt hij en neemt een laatste hap.
”Kom je dan naar bed?” vraag ik en glimlach.
”Dan kom ik naar bed.”zegt hij. ”Beloofd.” hij weet dat ik hem niet geloof.
”Ik wacht op je.” zeg ik, sta op en zoen hem. Hij slaat zacht op m’n kont en ik loop de studeerkamer uit, naar de slaapkamer. Ik kleed me uit, doe m’n bh af en ga in bed liggen. Hij blijft zeker nog twee uur schrijven en schrappen. Ik doe de televisie aan en stel de timer in op een halfuur.

Ik word wakker met hem naast me, de wekkerradio geeft aan dat het half elf is. Ik kus hem voorzichtig en stap uit bed.
Beneden zet ik thee en maak een cracker met kaas, ga in de woonkamer zitten met de radio aan en wacht tot hij beneden komt. Veel stelletjes gaan in het weekend de stad in en hebben dan een brakke zondag. Ze gaan een weekendje weg naar CenterParks om daar tot rust te komen. Bij ons is het standaard op vrijdag samen eten en dan gaat hij schrijven. Zaterdags gaan we uit eten in een andere stad en drinken thuis nog een paar drankjes om vervolgens op zondag de hele dag in bed te blijven liggen en alleen voor het hoognodige het bed uit te komen. Zo gaat het al een halfjaar en het werkt. De keren dat we op zaterdag de stad in gingen zijn op één hand te tellen. Het is vertrouwt of ik heb geaccepteerd dat hij niet graag de deur uit gaat.
Na een uur komt hij beneden in z’n boxershort.
”Goedemorgen jongedame.” zegt hij en wrijft de slaap uit z’n ogen.
”Goedemorgen jongeman. Ik heb al koffie gezet en al zoetjes in je beker gedaan.” hij geeft me een luchtkus en sloft naar de keuken. Even later komt hij naast me zitten op de bank en kust mijn hoofd.
”Sorry, ik ging op in het schrijven. Het zat in m’n hoofd en moest er uit.” zegt hij en neemt een slok koffie.
”Vanavond.” zeg ik.
”Ik heb bedacht dat we naar Deventer gaan en daar iets uitzoeken. Vier uur vertrekken, dan zijn we er mooi op tijd.”
”Deal. Hebben we wijn?”
”Ik heb gisteren vijf flessen gehaald en een six-pack voor mezelf.”
”Je bent geweldig.”
”Dat zeg je nou nooit in bed.” grapt hij.
”Mijn moeder zei altijd: als je niks goeds te zeggen hebt, zeg dan niks.” zeg ik en grijns.
”Au! Zal het onthouden.”
”Je doet maar, ik maak het vanavond goed met je.” zeg ik en kus z’n wang. Hij neemt nog een slok koffie en slaat z’n arm om me heen. Ik kruip tegen hem aan en zucht.

Author: Martin 302 days ago

Ze is heet als de zon, haar ogen fonkelen als diamanten en ze is zoet als een kilo suiker. Na elke lange kus plaatst ze een kleinere op m’n bovenlip.

We liggen in bed met de radio aan. Als of toeval het wil gaat het over affaires. Ik krijg een kleine glimlach op m’n gezicht, ze ziet het en kruipt tegen me aan. Het is geen toeval dat ik met haar een affaire ben begonnen. Het begon ooit als onschuldig flirten, ze werd lesbisch maar het flirten ging door. Ik zag er geen kwaad in, haar vriendin ook niet, die kon er altijd om lachen. Tot twee weken geleden was er niks aan te hand. Feestje, drank, vriendin weg, bed. Kort samengevat dan.
”Dat is een teken.” zegt ze en strijkt met haar hand door m’n borsthaar.
”Dat we door moeten gaan.” zeg ik.
”Nee, wat als m’n vriendin er achter komt.” zegt ze. ”We hebben alles wat ons hartje begeert.”
”Wil je er mee ophouden?” vraag ik.
”Nee, het voelt te goed.”
”Ooit komt ze er achter.” zeg ik. Ik moedig haar aan dit af te kappen.
”Doordat ik je telkens op de koffie vraag? Ik heb een vriendelijk gezicht nodig wanneer het niet zo goed met me gaat.”
”Je hebt haar toch.”
”Zij zegt alleen wat ik wil horen en ze is er niet altijd. Jij bent eerlijk en hebt altijd tijd.”
”Je hebt dit geoefend he?”
”In m’n hoofd. Blijf je hier of ga je weg?”
”Wanneer komt ze terug?”
”Overmorgen.”
”Ik blijf hier wel.” zeg ik met een naar voorgevoel.

Ik schrik wakker. Adrenaline giert door m’n lijf, ik kijk op de wekkerradio. Het is half drie ‘s nachts. Weer dat nare gevoel. Ik besluit er aan toe te geven en stap voorzichtig uit bed, trek m’n kleren aan en kijk naar haar terwijl ze slaapt. Snel loop ik de slaapkamer uit, de trap af, pak m’n jas en loop door de achterdeur naar buiten. Het is een heldere nacht met een bijna volle maan.
Ik steek een sigaret op en loop de poort uit. Het steegje waar ik doorheen loop is donker maar de maan verlicht het net genoeg om te zien waar ik heen moet. Ik krijg een flashback van mijn droom en meteen dat nare voorgevoel weer. Zo meteen komt er iemand aan en die mag me niet zien. Ik sta tussen twee schuren en kan geen kant op. Ik bedenk me geen moment en spring in de lucht, spreid m’n benen en armen en zet kracht. Ik hang nu een meter boven de grond. Ik zet me af en schiet ongeveer dertig centimeter per keer omhoog, net zolang tot ik op één van de schuren kan klimmen. Wanneer ik met m’n hoofd boven de schuren uitkom, nadert er iemand, ik spring op de schuur links van me en kijk over de reling. De fietser passeert me en ik herken het haar. Het is maar goed dat ik ben weggegaan. Wanneer de kust veilig is, klauter ik naar beneden en loop het steegje uit. Ik neem een trek van m’n sigaret en gooi hem weg.

Author: Martin 309 days ago

Ik maak vrijwel nooit een ochtendshow op de radio mee. Ik slaap altijd uit tot een uur of elf en omring me dan eerst met stilte, koffie en tabak. Wanneer ik wel vroeg op sta, moet ik ook meteen erna weg.
De weinige keren dat ik het meemaak door een nacht doorhalen, gewoon klaarwakker zijn om vijf uur of een wekker die afgaat wanneer hij niet door hoef te gaan, maak ik een ochtendshow mee op de radio. Het heeft iets magisch.
Ik ben dan één van de weinige mensen die het hoort, de rest nog op één oor. Het raam gaat dan wagenwijd open, voorzichtige zonnestralen op een achtergrond van blauw en vogels die de wereld laten weten dat ze wakker zijn. Ik heb het vaker meegemaakt in beschonken toestand.
Vandaag is zo’n dag dat ik het nuchter meemaak. Ik vind de muziek te rustig, dat vind ik altijd ‘s ochtends. Ik heb harde, snijdende muziek nodig. AC/DC of The Hives, dat is fijne muziek in de ochtend. Heerlijk om op te schrijven ook. Terwijl ik me dat bedenk, open ik een document en ga schrijven. In het verhaal in de persoon ook net wakker, ik verander de tijd en schrijf over de ochtendshow. M’n telefoon gaat.
”Goedemorgen.” zeg ik, ik heb niet eens gekeken wie het is.
”Goeiemorgen met Mark. What the fuck ben jij nu al wakker dan?” vraagt hij.
”Misschien lag ik wel te slapen.” zeg ik eigenwijs.
”Je klinkt te wakker voor iemand die lag te slapen. Dat, en je hebt op Facebook gezet dat je wakker bent.”
”True story is true.” zeg ik en neem een slok koffie. ”Waar bel je voor dan?”
”Eigenlijk voor niks, ik wilde je wakker bellen en dan ophangen. Hoe is het?”
”Hufter. Het gaat wel lekker. Met jou?”
”Redelijk aangeschoten.” zegt Mark en moet zacht lachen.
”Het is dinsdag!” zeg ik.
”Gozer, het is zaterdagochtend.” ik kijk op de kalender van m’n laptop, Mark heeft gelijk. Ik raak altijd in de war met de dagen. Dat komt vooral omdat ik niet echt vaste werkdagen heb. Ik kijk naar datums, niet naar dagen.
”Ben je de stad in geweest?”
”Nee, thuis gebleven. Paar films gekeken, paar biertjes gehad. Ben net wakker en heb maar drie uur geslapen.”
”Wat ga je vandaag doen dan?” ik steek een sigaret op.
”Ik heb nog geen plannen.” het blijft even stil. ”We kunnen samen lunchen.”
”Cool, doen we dat. Sms de info maar, ik zal er zijn.” zeg ik.
”Is goed. Zie je later.”
”Jo!” ik hang op, leg m’n telefoon naast m’n laptop neer en schrijf verder.
Vroeg in de ochtend. Ik wil het niet al te vaak meemaken.

Author: Martin 322 days ago

”Dus dit is je nieuwe leven?” vraagt m’n nieuwe buurman. Hij heeft kort grijs haar, een ronde bril en een ongeschoren gezicht. Ik schat hem rond de zestig.
”Ja.” zeg ik opgelucht. ”Ja, dit is het.”
”Waar kom je vandaan.” vraagt hij.
”Een hel.” zeg ik. Hij begrijpt het en gaat er niet verder op in.
”Toch niet in de…” hij wil het voorzichtig brengen.
”Nee, nee dat niet.” zeg ik.
”Waar zijn je spullen?” vraagt hij.
”Die worden nog gebracht.” zeg ik en klopt op m’n laptoptas. ”Dit is het enige uit m’n oude leven.”
”Hoe bedoel je?”
”Ik heb alles wat ik had verkocht, weggegooid of weggegeven.”
”Dat meen je niet!” zegt hij en slaat z’n hand voor zijn mond.
”Jawel. Ik begin helemaal overnieuw.”
”Heb je de Ikea leeg gekocht ofzo?” grapt hij.
”Ja.” zeg ik met een strak gezicht. Hij kijkt me verbaast aan.
”Zoiets heb ik nog nooit gehoord. Hoe laat zei je dat je spullen kwamen?”
”Dat heb ik niet gezegd.” zeg ik en maak de deur open. Ik stap naar binnen en knik. Dit is mijn nieuwe huis. Een doodnormaal rijtjeshuis aan de rand van de stad. Ik loop de woonkamer binnen en steek een sigaret op. Uit m’n laptoptas pak ik een asbak met een pin-up girl er op en zet die op de grond. Ik ga er naast zitten en rook rustig mijn sigaret.
Ik zie de buurman voor m’n huis lopen en naar de deur. De deurbel gaat en ik doe open.
”Als je koffie wilt, m’n vrouw heeft net een verse pot gezet.” zegt hij uitnodigend.
”Lekker.” zeg ik en loop met hem mee naar zijn huis. Eenmaal binnen geef ik m’n ogen de kost. Hij heeft het sfeervol en smaakvol ingericht zonder dat het druk overkomt.
”We zitten buiten.” zegt hij en we lopen de keuken door naar de achtertuin. Daar zie ik een vrouw zitten, ook ergens in de zestig in een te groot shirt en in een joggingbroek.
”Ja, wen er maar aan. Zo loop ik er altijd bij.” zegt ze streng. Ik voel me ineens ongemakkelijk, vooral omdat ik in een pak loop.
”Moet dat nou!?” zegt de man. ”Oordeel toch niet zo snel over mensen!” zegt hij streng. Ik steek m’n hand uit en stel me voor, ook aan de man en ga zitten. De vrouw staat op en komt even later terug met een dienblad met koffie. Ze geeft me een kopje en gaat weer zitten.
”Ik hoorde dat je alles had weggedaan wat je had.” zegt ze.
”Dat klopt. Een heel nieuw leven.”
”Je hebt lef.” zegt ze.
”Ik heb geen wortels meer.” zeg ik diepzinnig.
”Ik hoop dat je ze hier weer kan laten groeien.” zegt m’n buurman.
”Dat hoop ik ook.” zeg ik.
”Wat voor werk doe je?” vraagt de buurvrouw.
”Momenteel nog niks. Ik heb flink gespaard en ga op zoek naar een baan.”
”Er zit hier een boekhandel, die zoekt nog mensen. Het is geen hele grote zaak maar het is er altijd gezellig. Leuke mensen die er werken.” zegt de buurman.
”Ik zal het onthouden.” zeg ik en neem een slok koffie. Ik hoor gerommel achter me en gezucht. Ik draai me om, de poort vliegt open en ik zie een meid met lang blond haar in een zomerse jurk de achtertuin inlopen.
”Wie is dat?” hoor ik haar vragen, ik heb een vermoeden dat ze de dochter is. Ze is ongeveer even oud als ik ben.
”Dit is onze nieuwe buurjongen.” zegt de buurvrouw.
”Hier kan ik wel aan wennen.” zegt ze en stelt zich voor. Ze gaat naast me zitten en neemt me in haar op. Ik voel me weer ongemakkelijk.
”Lekkere koffie.” zeg ik nerveus. Ik ben verbaast over mezelf, ik ben nooit nerveus. Ik val niet eens op blond.
”Ik doe er altijd een beetje zout door.” zegt de buurvrouw.
”Ik altijd kaneel.” zeg ik. ”Vinden jullie het erg als ik rook?”
”Nee hoor.” zegt de buurman. Alsof afgesproken pakken ze alle drie hun sigaretten en steken die tegelijkertijd met mij op.
”Op het nieuwe leven.” zeg ik en neem een hijs.
”Amen.” zegt het buurmeisje en knipoogt naar me. Ik ben nog geen uur in m’n nieuwe stad en het begint weer overnieuw.

Author: Martin 324 days ago

Ze is sexy en zwoel in de nacht, ‘s ochtends een onschuldig meisje dat zacht ‘goedemorgen’ in mijn oor fluistert.
Loopt ze thuis half naakt met een glas witte wijn om twee uur ‘s middags, is ze op andere momenten elegant gekleed in openbare ruimtes.
Ze brengt me koffie wanneer ik verhalen verzin om op papier te zetten.
Ik geef haar wijze raad waar ze toch niks mee doet.
Midden in de nacht wordt ze wakker en gaat dan op me zitten, kust me wakker met soms passioneel vrijen, andere keren pure lust en frustratie van die dag.
ze schreeuwt tegen me wanneer ik weer een onbewuste fout heb gemaakt, dan voel ik haar irritatie, ik knik dan en zet mijn fouten recht.
Haar wijs ik nooit op fouten, ze maakt ze niet en als ze die al maakt heb ik er geen erg in.
ze is mijn agenda, kalender en secretaresse.
Ik ben haar redder, verhalenverteller en persoonlijke kok.
Wanneer ik het niet zie zitten, vast zit in mijn verhalen of gewoon geen zin meer heb, kruipt ze op mijn schoot en kust me, streelt met haar tere vingers door mijn haar of kriebelt met haar nagels over mijn rug.
Mijn eigen persoonlijke lichtstraal die, wanneer het nodig is, harder schijnt dan duizend zonnen in mijn toch nog duistere wereld.

Author: Martin 335 days ago

Mijn dieet bestaat uit koffie, tabak en muesli repen. Mijn bureau staat vol met lege koppen, de woonkamer ligt vol papieren met gekrabbel, tekeningen, korte verhalen en meer troep. Niks is goed genoeg. De huisbazin klopt op de deur en komt binnen.
”Je hebt er weer een troep van gemaakt.” zegt ze, ik zit aan m’n bureau te schrijven. Ze baant zich een weg en zet een dienblad neer met koffie en een sandwich. Ik pak de koffie en neem een slok. Haar koffie is goddelijk, zoals alleen zij het kan maken. Het is een oude vrouw met een geleefd gezicht, haar in een knotje en altijd in een mantelpakje.
”Koffie is goed.” zeg ik kortaf en schrijf weer verder.
”Je moet ook eten.” ik pak een muesli reep van bureau en houd hem omhoog, ze grist het uit m’n handen. ”Dit is geen eten.” ze gooit hem op het bureau neer. Met tegenzin pak ik de sandwich en prop het in m’n mond, kauw en slik door.
”Tevreden?” ik kijk der aan en doe m’n mond open.
”Waarom heb ik dit appartement ooit aan jou verhuurd.”
”Je had geld nodig en ik een verblijfplaats.”
”Het was allemaal zo netjes. Wat is er gebeurd?”
”Een nieuw idee voor een boek.” ik neem een slok koffie.
”Ik zal je dan maar alleen laten.” ze neemt het dienblad waar de halve sandwich nog op ligt mee en vertrekt. Ik blijf alleen achter en schrijf weer verder, scheur het blad af, maak er een propje van en gooi het weg.
Ik ben zeker een uur aan het schrijven wanneer er weer op de deur wordt geklopt. Twee seconden erna vliegt deur open.
”Ga weg.” zeg ik, ervan uitgaande dat het één van m’n vrienden is.
”Ik ga niet weg. Ik ga je appartement opruimen.” hoor ik m’n huisbazin zeggen. Ze komt naast m’n bureau staan en pakt m’n pen af. Ik kijk der boos aan.
”Oh, dat gaat bij mij niet werken. Zoals mijn man altijd zei: een opgeruimd huis is een opgeruimd hoofd.” ze legt m’n pen naast me neer.
”Kan dit morgen niet. Ik zit net fijn de verhaallijn te bedenken.”
”Als je denkt dat ik dit in m’n eentje ga opruimen heb je het mis. Jij gaat me helpen. Je kan zo toch niet leven.”
”Het gaat anders prima.” ze drukt een vuilniszak in m’n handen. Ze loopt naar de keuken en na een paar tellen komt ze terug.
”Ik doe de keuken wel.” zegt ze en loopt het hele huis af. Na een paar minuten komt ze terug en kijkt me teleurgesteld aan.
”Het is mijn appartement.” bijt ik haar toe.
”En ik moet het ooit nog een keer zien te verhuren.” bijt ze terug. ”Ik doe de keuken, badkamer en slaapkamer wel. Doe jij dan de woonkamer, jij weet wat er allemaal wel en niet weg kan.” zegt ze en loopt naar de keuken. Ik sta met tegenzin op en pak eerst alle propjes op en doe ze in de vuilniszak. Dan zie ik de open haard en steek hem aan. Ik maak er een spelletje van en gooi telkens een propje papier in het vuur.
Na twee uur schoonmaken kijk ik tevreden rond. M’n bureau is geordend, de vloer gedweild en alles ziet er weer spik en span uit. De huisbazin kijkt ook rond en laat me de rest van m’n appartement zien. Ze is druk bezig geweest en alles lijkt de blinken. De geur van schoonmaakmiddel heeft het huis gevuld samen met de geur van verbrand papier en hout.
”Bedankt voor het helpen. Ik heb ineens goede ideeën voor de verhaallijn.” zeg ik en geef haar een kus op de wang.
”Graag gedaan. Koffie?” vraagt ze.
”Iets sterkers?” vraag ik en loop naar het wijnrek.
”Alsof je in m’n hoofd zit.” ik kijk op de klok. Het is net half drie. Ik pak twee glazen en schenk ze vol. Ze gaat op de bank zitten en ik op mijn stoel. We proosten en drinken.

Author: Martin 343 days ago

”We nemen je mee.” zegt een man in een lange witte jas, onderhandelen lijkt niet mogelijk. Ik vermoed dat het een dokter is.
”Waarheen?” vraag ik en zet me schrap om de deur dicht te smijten. De man heeft het deur en zet z’n voet er voor.
”Daar de vrolijke boerderij met bomen, bloemen en tjirpende vogels.” de twee spierbundels achter hem doen een stap naar voren.
”Mag ik nog even bellen en m’n spullen pakken?” zeg ik. In mijn hoofd heb ik een plan.
”Op één voorwaarde. Wij zijn er bij.” ik knik, draai me om en haal m’n telefoon uit m’n broekzak. Ik heb een vermoeden wie ze heeft gestuurd. Ik bel en de telefoon gaat over. Na een paar seconden wordt er opgenomen.
”Ik deed alles voor je en zo betaal je me terug!? Na al mijn liefdevolle, onzelfzuchtige daden!?” het blijft stil. ”Er staan een man in een witte jas en twee spierbundels in mijn huis! Jij hebt dit gedaan! Jij wil…” ik voel me slaperig. ”Wat…” ik stort ter aarde.

Wanneer ik weer wakker word lig ik op een hard bed. Banden om mijn polsen en enkels. Ik weet nu al dat ik niet los kan komen. Ik kijk de kamer rond. Er staat niks in, geen tafel, geen schilderij aan de muur, geen stoel, zelfs geen raam. Het is een grote witte grafkist. De deur schuift opzij en voor me staat een man met een grote lach en fel groen haar. Hij begint manisch te lachen, komt naar het bed en maakt me los. Ik kijk door de deuropening en zie een man, duidelijk een patiënt, met een shotgun over de gang rennen, een schot en gejoel.
”Wat is er aan de hand?” vraag ik. Mijn bevrijder zegt niks. Ik spring van het bed en voel in m’n zakken. Geen telefoon, geen sleutels, geen sigaretten. Mijn bevrijder loopt de deur op en gaat naar rechts. Ik besluit hem maar te volgen.
Hij leidt me naar een klein kantoor waar een plastic zak gevuld met spullen ligt. Mijn spullen. Ik pak ze en stop ze in mijn zakken. We horen een klein gilletje. Mijn bevrijder fluit en de patiënt met de shotgun komt er aan lopen. Ik heb hier geen goed gevoel over. Mijn bevrijder loopt naar de kast waar het geluid vandaan kwam. Ik blijf roerloos staan. Hij gooit de kastdeur open en we zien een jongedame van nog geen zevenentwintig in de kast staan met haar handen voor haar mond. Mijn bevrijder komt dichterbij en haalt een mes tevoorschijn. Met het blad streelt hij haar wang. Hij komt dichterbij haar gezicht, twee centimeter voor haar gezicht komt hij niet meer dichterbij.
”Boe.” fluistert hij. Ze gilt. Mijn bevrijder doet een stap opzij en de patiënt haast zich naar de jongedame en schiet haar hoofd kapot.
”Dat was toch nergens voor nodig. Waar ben je mee bezig.”
”Opstand. Zoete, glorieuze opstand.” hij lacht weer manisch en huppelt het kantoor uit.
”Stop!” wordt er door de gang geschreeuwd. We draaien ons om en zien een grote man met een AK-47 staan. Mijn bevrijder zucht, de patiënt doet z’n shotgun naar beneden. Ik kijk naar ze en besluit iets te doen. Rennen, weg van de man. Ik hoor schoten. Mijn rug word nat. Weer stort ik ter aarde.

Ik schiet overeind. Mijn rug is nat. ik voel en kijk naar mijn hand, geen rood. Het is zweet. Mijn hartslag kalmeert en ik leg mijn gezicht in m’n handen. Ik zucht en laat me achterover vallen. Op de radio klinkt Neuroticfish met They’re Coming To Take Me Away.
Ik lach om de ironie.

Author: Martin 345 days ago

Ik zit op de bank bij Samantha, de dame die me de vorige avond versierde. Ik heb alleen m’n broek aan, mijn overhemd zit in de droger. Ze staat in de keuken en neuriet een nummer. Het is People Are Strange van The Doors. In mijn hoofd zing ik de tekst mee. Het flatje van Samantha is modern ingericht. Ik vermoed dat ze vooral leeft van papa’s geld als ik de meubels zo bekijk.
”Mag ik binnen roken?” vraag ik. Het neuriën houdt op en ze komt met een kop koffie en een kop thee de woonkamer in.
”’Ja, je mag binnen roken.” zegt ze en zet de koffie voor me neer.
”Dankje.” zeg ik en neem een slok. Ik ben al twee uur wakker. Zij net een kwartier. Ik heb slaapproblemen. Daardoor ben ik altijd vroeg op en ‘s nachts minstens vier keer wakker. Ik steek een sigaret op. Mijn longen vullen zich met de rook, mijn keel wordt geprikkeld en ik begin te hoesten.
”Steek er nog één op.” zegt ze terwijl ik met m’n hoofd tussen m’n knieën zit. Het is nog nooit zo erg geweest.
”Het.” ik hoest. ”Gaat prima.” zeg ik met hese stem.
”Ik hoor het.” ze gaat naast me op de bank zitten. ”Dus je bent ziek vandaag.”
”Wil je dat ik ziek ben?” vraag ik en neem een trek van m’n sigaret.
”Als dat nodig is om te zorgen dat je hier blijft wel.” ze kijkt met een duidelijke verleiding. Ik pak m’n telefoon en bel naar m’n werk. Ik heb het geluk dat m’n stem nog hees is. Ik hang een verhaaltje op met de meest gruwelijke details, ik weet dat m’n baas daar van houdt.
”Gelukt.” zeg ik nadat ik heb opgehangen.
”Wie had je in godsnaam aan de telefoon?” ik hoest een keer en m’n stem komt terug.
”M’n baas.”
”Het leek alsof je één van je beste vrienden aan de telefoon had.”
”Hij is het type baas dat je beter te vriend kan houden.” zeg ik en neem een slok koffie. Het smaakt me goed. Samantha komt tegen me aan zitten. Ik neem nog een slok koffie en een trek van mijn sigaret.
”Dus… wat is het plan?” vraagt ze en kust m’n schouder.
”Het plan is dat ik m’n koffie opdrink, m’n sigaret oprook en dan zien we wel.”
”We kunnen weer in bed gaan liggen, filmpje opzetten ofzo.”
”Klinkt aanlokkelijk. Ik zeg doen.” ze staat op en loopt richting de slaapkamer.
”Ik zie je zo.” zegt ze en verdwijnt in de deuropening. Ik sta op en druk mijn sigaret uit. Met de koffie in m’n hand kijk ik naar foto’s en een prikbord met kaartjes en meer foto’s. Ik begin een indruk van haar te krijgen en die bevalt me wel. Mijn oog valt op een familiefoto. Samantha is daar zeker veertien jaar. Ik vermoed dat haar ouders zijn gescheiden en dit nog de enige herinnering is van een geluk gezin. Dat zou meteen verklaren waarom haar vader voor alles betaald. Schuldgevoel, dat doet veel met je. Ik neem een slok koffie en bekijk de rest van het flatje. Ik pak m’n telefoon uit m’n broekzak en zet hem uit. Ik wil niet gestoord worden vandaag. Vandaag wil ik even nergens aan hoeven denken.
Ik drink m’n beker leeg en zet hem op het aanrecht. Nu pas valt het me op dat de beker van AC/DC is. Ik glimlach en loop naar de slaapkamer, doe de deur open en zie Samantha in bed liggen met de dekens over haar heen. Op de televisie speelt een film, ik ken de soundtrack, ik ken de beelden en ik ken de film uit m’n hoofd. Amelie. Ik trek m’n broek uit en ga naast haar liggen. Ze komt tegen me aan liggen en legt haar hoofd op mijn borst. Haar rechterhand op mijn buik. Ik kus haar hoofd en kijk naar de film. Mijn lippen bewegen mee op de tekst. Het is de eerste keer dat ik deze film samen met iemand kijk.
Ik word wakker, gaap en rek me uit. Naast me ligt niemand en ik lig in mijn eigen bed. Ik voel me brak en heb geen zin om te werken. Dan herinner ik me wat er gebeurd was gisteren en voel dezelfde steek als gisternacht.
Ik haat gespierde kerels met een gebronsd lichaam.

Author: Martin 360 days ago

Beelden flitsen voorbij. Een tsunami van blije gevoelens dat ik er bijna bang van word. Dit nummer door de speakers en ik sta er op te dansen en beeld haar voor me.
”Wat lach je?” vraagt Guus aan me.
”Kaya.” zeg ik.
”Waar?”
”Nee niet hier.” ik tik met m’n vinger tegen m’n slaap. ”Hier.” hij knikt en begrijpt de hint. Hij weet dat ik door nummers kan worden teruggebracht naar momenten en tijden.
”Toch jammer.” zegt hij en neemt een slok bier.
”Het is niet anders.” zeg ik.
”True that.” zegt hij en houd z’n bierglas omhoog. Ik tik de mijne tegen de zijne aan en we drinken hem in één teug leeg.
”Ik moet morgen werken.” zeg ik tegen hem en kijk op m’n horloge.
”Hoe laat?”
”Half twee.” het is nu pas één uur. Als ik een beetje slaap wil krijgen moet ik om drie uur wel weg.

Het is half vier en we staan nog steeds te dansen, dit keer in een café waar we eigenlijk te weinig komen. Weer komt het nummer van Kaya voorbij en ik glimlach weer. Guus moet ook lachen. Er loopt een dame tussen ons door, ik maak oogcontact met haar. Ze veegt een lok uit haar gezegd en glimlacht. Ik glimlach terug en kijk naar Guus. Zijn ogen zijn groot en hij moet lachen.
”Wat?” zeg ik, nog steeds dansend op het nummer van Kaya.
”Je gaat vreemd.” zegt hij en slaat tegen m’n schouder.
”Je kan niet vreemd gaan met een herinnering.” zeg ik.
”Je bent gewoon een slet.”
”Bier?”
”Lekker!” we lopen naar de bar en ik bestel twee biertjes, betaal en geef er één aan Guus.
”Roken?”
”Nog beter.” zegt hij en we lopen naar het terras. Er is nog één bank vrij en daar gaan we op zitten. We steken een sigaret op en kijken. Dezelfde dame loopt van zo even loopt naar buiten en lijkt op zoek te zijn. Ik kijk het terras rond maar zie niemand die op haar reageert.
”Het is goed.” zeg ik.
”Wat?” vraagt Guus en neemt een slok bier.
”Dit. Lang niet zo’n goede tijd gehad.”
”En je moet morgen werken.”
”Ik voel me ineens niet zo lekker.” zeg ik en moet lachen.
”Dat doe je niet!”
”Oh jawel!” we lachen, ik word op m’n schouder getikt. Ik draai me om en zie de dame staan.
”Mag ik hier zitten?” vraagt ze. Ik schuif op en ze gaat zitten. Ze heeft een donkerblauwe jurkje aan met ballerina’s eronder. Der donkerblonde haar valt net over haar schouders met een lichte krul.
”Jij bent zo’n klootzak.” zegt Guus en knipoogt.
”Heb je misschien een sigaretje voor me?” vraagt ze.
”Natuurlijk.” zeg ik en pak m’n sigaretten. Het pakje is leeg en ik laat het aan haar zien. Ze pakt mijn sigaret uit m’n hand en neemt een trekje. Ik kijk der verbaasd aan. Ze blaast de rook uit in m’n gezicht, pakt m’n hoofd vast en zoent me.
”Sorry, ik moest het gewoon even doen.” zegt ze wanneer ze haar hoofd terug trekt.
”Je moet doen wat je niet laten kan.” zeg ik en pak m’n sigaret terug. Ik neem een trek en geef hem weer aan haar.
”Wat doe je morgen?”
”Ziek op bed liggen.” zeg ik lachend. Guus stoot tegen m’n arm.
”Dan kom ik je wel verzorgen.” ik trek een wenkbrauw op. ”In mijn bed.”

Author: Martin 367 days ago

Ik ben net klaar met werken. Het was een drukke dag en ik ga twee deuren verder naar het enige café in de stad waar ze Grolsch hebben. Ik ga zitten en Sem komt naar me toe.
”Biertje?” vraagt hij en noteert het al op z’n kastje.
”Lekker.” zeg ik en ga onderuit zitten. Ik pak m’n verkreukelde pakje sigaretten uit m’n broekzak en steek er één op. Na een minuut komt Sem weer naar buiten en zet het biertje voor me neer.
”Dankje.” zeg ik en neem een slok.
”Was het druk?” vraagt hij.
”Redelijk voor een zaterdag.” zeg ik en zet m’n glas neer. Hij loopt verder het terras op en helpt andere mensen. Aan het tafeltje zit een oudere man aan de lente bok. Ik knik naar hem en hij knikt terug. Een dame van mijn leeftijd kijkt over het terras, kijkt naar de lege stoel naast mij en komt mijn kant uit.
”Mag ik?” vraagt ze wanneer ze bij m’n tafel staat.
”’Natuurlijk.” zeg ik en schuif de stoel naar achteren. Ze gaat zitten en wacht op Sem. Hij neemt uiteindelijk haar bestelling op en even later zit ze aan een witte wijn.
”Lekker weer.” zegt ze en neemt een slok.
”Zeker. Goed weer voor een terras.” zeg ik en neem ook een slok bier. We zitten zwijgend aan de alcohol en ik rook nog twee sigaretten wanneer Sem weer bij ons komt.
”Wil je nog iets?” vraagt de dame.
”Nee, dankje. Ik moet zo weg.” zeg ik.
”Voor mij nog een wijntje.” zegt ze tegen Sem. Ze staat op en loopt naar binnen. Waarschijnlijk om even naar de wc te gaan.
”Je mist een kans.” zegt de oude man naast me.
”Hoe bedoelt u?”
”Wanneer was de laatste keer dat een dame je een biertje aanbood?”
”De laatste keer dat dat gebeurde werd het niks.” zeg ik en wil een nieuwe sigaret opsteken.
”Blijf niet in het verleden hangen. Ik heb geen andere vrouw aangeraakt nadat m’n schoolliefde me verliet voor een ander. Ik had nog altijd de hoop dat ze terugkwam.”
”Het is gecompliceerd.” verdedig ik mezelf.
”Nee, jij maakt het gecompliceerd. Neem het biertje aan, blijf.”
”Maar ik moet nog schrijven, email beantwoorden en zaken regelen.”
”Het is een mooie dag.” zegt de oude man. ”Geniet van de kansen die je krijgt.”
Ik zeg er niks op terug en denk na over wat de man zei. De dame komt weer naar buiten en gaat zitten.
”Ik denk dat ik nog wel even kan blijven.” zeg ik en roep Sem bij me.
”Dat zou gezellig zijn.” zegt ze. Sem komt aan de tafel en ik bestel nog een biertje.
”Dus, wat brengt jou hier op deze dag?”
”Familie bezoek. En jij?”
”Werk.” zeg ik en wijs naar het gebouw waar ik werk.
”Ik vind je het type voor de bediening.”
”Helaas. Keuken.”
”Maar je hebt ooit wel achter de bar gewerkt of in de bediening.”
”Dat klopt.”
”Raad eens wat ik doe.”
”Makkelijk. Je bent een student.” ze knikt. ”Je speelt gitaar en je bent linkshandig.”
”Oké, dat van studeren begrijp ik nog. Maar hoe weet je dat ik gitaar speel?”
”Je nagels aan je linkerhand zijn lang, aan je rechterhand zijn ze kort.” ik laat mijn nagels zien.
”Indrukwekkend. Doe je dat trucje bij alle mensen die bij je aan tafel gaan zitten?”
”Alleen bij degene die me een biertje aanbieden.” zeg ik. Sem zet het biertje voor me neer en ik houd hem omhoog. ”Proost.” zeg ik.
”Proost.” zegt ze en we nemen beide een slok.

Author: Martin 371 days ago

Ik sta bij het camping entertainment. Samen met Arthur, de buurman van m’n vader en vader van Sascha. De kinderen staan in een kring met de ouders er achter. Wij staan op vijftien meter afstand bij een paal waar ik op leun. Ver genoeg om niet betrokken te worden, dichtbij genoeg om alles te horen. Het entertainment stelt de kinderen wat vragen en willen de ouders er bij betrekken.
”Het is tijd om te gaan.” zegt Arthur en neemt een trek van z’n sigaret.
”Nee, we staan op een goede afstand.” zeg ik.
”We hebben gehoord dat de papa’s en mama’s goed kunnen dansen.” zegt één van de dames van het entertainment.
”Het is tijd om te gaan.” zegt Arthur weer, hij klinkt serieus dit keer.
”He, ik ben geen papa. Dit is precies de reden waarom ik niet alleen met Sascha ben gegaan.” zeg ik en steek een sigaret op. Het entertainment komt onze kant op.
”Het is tijd om te gaan.” zegt hij dringend en we draaien ons om. Met ons zijn nog een paar ouders die er geen zin in hebben.
”Je bent ook zo’n watje he.” zeg ik en neem een trek van m’n sigaret.
”Ik ben zo’n slechte vader.” zegt Arthur. ”Mijn papa staat… waar is hij nou.” zegt hij en ik moet lachen.
”Jarenlang zal Sascha dit onthouden. Wanneer hij eenentwintig is en jij iets van hem nodig hebt zal hij zeggen; jij hebt me toen alleen gelaten, ik zal het je nooit vergeven.” we moeten lachen.
”Als Kelly er nou was dan deed ik mee.”
”Daar heb je het de hele tijd al over. Wie is dat?”
”Dat was ook één van entertainment, mooie meid, leuke meid. Ik ben der achternaam vergeten.”
”Als je er op komt mag je het mij wel laten weten.” zeg ik. Arthur kijkt een keer achterom naar z’n kind. Ik kijk ook en zie hem vrolijk dansen.
”Zal ik doen.”

We komen aan bij de caravan van m’n vader waar iedereen nog zit. Ik vertel het verhaal van zo even en ze moeten lachen.
”Ik bleef maar zeggen. Het is geen Kelly.” zegt Arthur en ze moeten nog harder lachen. Ik pak m’n biertje van tafel en neem een slok. De hond komt naar me toe met een bal in z’n bek, laat het voor m’n schoenen vallen en doet een paar stappen naar achteren. Ik trap de bal weg en de hond rent er achter aan. Z’n kop gaat naar beneden, z’n bek open en hij maakt een koprol over de bal heen. Hij gaat weer op z’n poten staan en pakt de bal. Het kijkt om zich heen, alsof hij bang is dat iemand hem gezien heeft. Ik krijg een glimlach op m’n gezicht. Ik kan wel wennen aan dit camping leven

Author: Martin 371 days ago

Ik zit alleen op de bank. Het is weekend en mijn plan is om zo min mogelijk te doen. Pizza’s, bier en films. Even niet schrijven, even vrij van de eeuwige creativiteit. Kleine ideeën schrijf ik op in m’n telefoon om maandag weer te beginnen met schrijven. De hond is het weekend bij m’n moeder, ik wil echt zo min mogelijk doen. Ik hoor gerommel bij de poort, na een paar seconden wordt er op de deurbel gedrukt. Een jazz toon klinkt door het huis. Ik sta op en loop naar de voordeur, doe die open en Mark en Guus staan voor m’n neus.
”Wat een verrassing.” zeg ik en laat ze binnen. Guus heeft een kratje bier vast en geeft die aan mij.
”Ik hoop dat je bier hebt koud staan?” zegt hij en we lopen naar de woonkamer.
”Natuurlijk.” zeg ik en zet het kratje in de voorraadkast waar ook de koelkast staan. M’n vrienden ploffen neer op de bank. Ik haal drie biertjes uit de koelkast en zet ze op tafel. We maken ze open met onze aanstekers en bijna tegelijk nemen we een slok.
”Dus. Ik las dat je helemaal niks ging doen.” zegt Mark.
”Inderdaad. Het einde van de maand dus moet een op het geld letten.”
”Hier hetzelfde.” zegt Guus.
”Vertel eens. Hoe zit het met die ene dame?” vraagt Mark.
”Zullen we het daar niet over hebben?” zeg ik en steek een sigaret op. ”Als je wat te bikken wilt moet je maar even in de kast kijken.” zeg ik tegen Guus die meteen opstaat en naar de kast loopt. ”Zet meteen even de muziek aan.” zeg ik tegen hem en hij zet de muziek aan. Door de speakers klinkt het album van Hugh Laurie. Ik heb het net ontdekt en ben er helemaal verslaafd aan.
”Wie is dit?” vraagt Mark.
”Hugh Laurie. Ik denk dat jullie het wel mooi vinden.”
”Maar even terug over die dame.”
”Nee. Ik doe niks.” zeg ik en hij kijkt afgetroefd. Ze willen altijd dat ik actie onderneem. Ik ben meer het type dat achterover leunt en afwacht in deze situaties.
”Ik vind het laf.” zegt Guus, recht voor z’n raap zoals hij is. Hij heeft een zak chips in z’n hand.
”Jij wist niet eens wat je moest doen toen je je vriendin ontmoette.”
”Touché.” zegt Guus en gaat weer zitten.
”Schuif eens op.” zeg ik en Guus staat op. Ik ga in mijn hoek van de bank liggen en zet het biertje in de vensterbank.
”Ligt meneer comfortabel?” vraagt hij plagend.
”Heerlijk. Er ligt wel salsa in de koelkast als je dat erbij wilt.”
”Jij denkt ook aan alles he.” zegt Guus en staat weer op.
”Ga je echt niks doen?” vraagt Mark.
”Mijn god, luister je niet? Ken je me niet? Nee, ik ga echt niks doen.” zeg ik en neem een slok bier.
”Je zegt altijd dat je risico’s moet nemen. Vol er voor gaan als je iets wilt.”
”En soms is het belangrijk dat je weet wanneer je gas terug moet nemen en moet afwachten.”
”Ik weet het niet.” zegt Guus vanuit de keuken.
”Wat niet?” zeg ik.
”Gewoon. Het was toch overduidelijk. En vanuit het niets, zo ineens boem.”
”Ja. Ik heb m’n halve voorraad pijptabak erdoor gerookt.”
”Ik snap het niet.” zegt Mark.
”Altijd wanneer ik moet nadenken steek ik m’n pijp op.”
”Je rookt pijp?” vraagt hij verbaast.
”Ja. Heerlijk.”
”Is dat niet een beetje voor ouwe lullen?”
”Jij dan met je om negen uur naar bed.”
”Touché.” zegt hij en neemt een slok bier.
”Toch ben je een ouwe lul en laf.” zegt Guus en gaat weer zitten.

Author: Martin 372 days ago

”Je begrijpt het niet! Ik schrijf over de spontaniteit tussen twee personen. Het loopt altijd goed af. Dus waarom, ik vraag je waarom is het mij dan nog nooit overkomen!?” schreeuw ik tegen Guus. Hij schrikt van m’n reactie. Dit is de eerste keer dat hij me zo woedend heeft gezien.
”Ik denk dat je iets te veel op hebt.” zegt hij. Ik sta op en ga dreigend over hem heen staan. Ik zie hem wegkruipen in de bank.
”Ik heb geen druppel op. Ik ben het zat. Altijd maar over die liefde te schrijven en er zelf niks aan over te houden.”
”En je boeken dan? Dat gaat niet over liefde.”
”Uiteindelijk gaat alles over liefde.” zeg ik rustiger.
”Luister. Je hebt veel meegemaakt, misschien moet je dat eerst verwerken voordat je gaat hopen op de liefde.”
”Lik m’n reet! Je doet net alsof ik niks aankan!”
”Dat is helemaal niet zo. Ik heb het beste met je voor!” het is de eerste keer dat ik Guus z’n stem hoor verheffen. Tenminste, de enige keer dat er geen voetbal op tv is.
”Als je het beste met me voor hebt waarom lul je dan uit je nek! Je zegt altijd dat ik teveel op heb en luistert nooit eens naar me!”
”Omdat ik niet je vriendin ben en je hebt ook altijd teveel op. Waarom denk je dat geen enkele meid met je wil praten in het café!? Je schuift het ene na het andere biertje naar binnen en blaast dan uit de hoogte wat voor een goede schrijver je wel niet bent terwijl je nog te bang bent om je boek naar de uitgever te sturen!”
”Val dood.” zeg ik en loop naar de keuken.
”Je bent gewoon bang voor de waarheid. En jij denkt dat je klaar bent voor een vriendin?”
”Jij dan. Alsof jij klaar bent voor een vriendin. Je weet romantiek nog niet eens te vinden als het voor je neus komt. Ik ben het zat jou te helpen!”
”Dan help je toch niet! Blijf maar zwelgen in je zelfmedelijden. Net als bij Isabelle!” ik stamp terug uit de keuken en sla Guus in z’n gezicht met m’n vuist. Hij valt neer op de bank.
”Dat was onder de gordel.” Guus komt weer overeind en haalt uit, ik buk en geef hem stomp in z’n buik. ”Ik zat met mezelf in de knoop, zij maakte het uit en het enige waar jij mee aan kwam zetten was een fles drank. Ik had een vriend nodig!” schreeuw ik en gooi hem op de bank.
”Als je toch zo over me denkt wat doe ik dan nog hier!” schreeuwt hij en pakt m’n gebalde vuist vast. Ik kijk naar hem, hij heeft een gescheurde lip. M’n ogen worden groot en ik vind spontaan een innerlijke rust.
”Je bent mijn enige vriend waar ik m’n leven aan toevertrouw.” zeg ik en ga van hem af.
Even later zitten we aan het bier. We hebben het niet over wat er is gebeurd, hij doet z’n arm om m’n schouder.
”Wat is er nou echt aan de hand?” vraagt hij kalm.
”Ik vraag me alleen af wanneer mijn tijd komt.”
”Jouw tijd komt wel. Tot die tijd mag je mij helpen in m’n relatie.” grapt hij. Ik lach ook en we proostten.

Author: Martin 374 days ago

Mijn schoenen graven zich diep in het losse zand terwijl ik over het strand loopt. Het is zwaar lopen maar het kost me amper moeite. Het is de eerste keer dat is via deze kant loop. Normaal parkeren we de auto op een kleine parkeerplaats en lopen de vijfhonderd meter. Nu is het ook ongeveer vijfhonderd meter, misschien zeshonderd. Ik ben er samen met mijn moeder en zus. Het is een ritueel. We doen dit drie keer in het jaar.

We gaan in de duinen zitten, mijn moeder standaard alleen. Ze heeft het nodig. Ik vertel wat ik heb meegemaakt, wat ik me herinner en hoe graag ik wou dat ze er nog was. We zitten vijf minuten. Tien minuten wanneer m’n moeder bij ons komt zitten. Ik heb ondertussen een sigaret opgestoken, iets wat ze waarschijnlijk niet op prijs had gesteld. Ik speel wat met het zand en het komt in mijn mouw. Tranen komen niet meer. Die komen al lang niet meer. Desondanks voel ik me diezelfde jongen die aan haar sterfbed stond. Pure onmacht, verdriet en verslagenheid. De beelden flitsen aan mij voorbij. Het steekt nog steeds maar tranen willen niet komen. Misschien maar beter ook. Ik heb die periode te veel gehuild en mijn ziel is vergaan tot droge aarde zonder enig vocht. Ik vertel haar dat ik haar mis en van haar houd. Dan staan we op en lopen terug.

Ik loop naar de zee. Dezelfde zee waar ik schreeuwend tegenover heb gestaan in een storm. Natte kleren, natte haren, alles nat en de dagen erna ziek. Het was het waard. Mijn schoenen graven zich weer in het zand, steeds minder. Hoe dichter ik bij de zee kom, hoe meer de zilte lucht op me af komt. Ik snuif het diep in en kom tot rust. Het is eb en ik kom op nat zand. Mijn schoenen blijven plakken en ik hoor het gekraak van schelpen onder mijn schoenen. Ik kijk achterom en zie mijn zus en moeder lopen. Ik kijk langs hun heen en zie haar laatste rustplek. Ik vraag me af hoe vaak ik hier nog zal komen. Gewoon om te praten, rust te vinden en te horen dat het allemaal wel goed zou komen zoals alleen zij dat kon.

Author: Martin 377 days ago

Ik moet hoesten. Een echte rokershoest en zoals altijd moet ik erbij kokhalzen. Sinds twee jaar geleden moet ik altijd kokhalzen wanneer ik een hoestbui heb. Ik neem een slok koffie en pak een sigaret, steek hem op en moet weer hoesten. Het is half tien ‘s ochtends en ik heb slecht geslapen. Ik sta op, met de sigaret op mijn lip en loop naar de gang. Ik voel de kou langs m’n benen gaan, ik moet al vier maanden tochtstrips installeren bij de deur. Ik pak de krant van de deurmat en loop weer terug naar de keukentafel, de krant gooi ik er op en stoot daarbij de beker koffie om. De beker is in de vorm van een plastic wegwerp bekertje die ingedeukt is. Ik kreeg hem ooit eens cadeau en er past precies genoeg koffie in om goed wakker te worden. Vandaag wil ik niet wakker worden maar de cafeïne verslaafde in me heeft koffie nodig. Ik neem een trek van m’n sigaret en leg hem op de asbak neer, ga zitten op de stoel en leun achterover. Het koude hout komt tegen m’n blote rug en ik krijg kippenvel. Ik heb geen zin om de krant te lezen, geen zin om mijn dag te beginnen met ellende. Ik pak m’n sigaret weer en neem nog een trek. Ik voel de rook in m’n keel branden en krijg weer een hoestbui. Vanuit m’n ooghoek zie ik de hond naar me kijken met een schuin hoofd.
”Ja, kijk maar goed. Baasje is verrot van binnen.” zeg ik tegen hem en alsof ie het begrijpt komt ie naar me toe en legt zijn hoofd op m’n been. Ik stop met hoesten en aai hem over z’n kop. Ik heb deze hond al drie jaar en ben erg gek met hem. Hij ligt in mijn leesstoel wanneer ik aan het schrijven ben en heeft al m’n verhalen al eens gehoord. Hij heeft zelfs een vriendinnetje. Hij wel.
Ik druk m’n sigaret, die nog maar voor de helft is opgerookt, uit en neem een slok koffie. De hond begint te drentelen en ik weet hoe laat het is. Ik sta weer op, neem nog een laatste slok koffie en loop naar boven, kleed me aan en doe een pet op. Vandaag is geen dag om m’n haar te doen.

Ik steek een sigaret op en de hond rent over het grasveld naar een een paar duiven die gevoerd worden door een oude man. Ze vliegen verschrikt weg. De man aait mijn hond en zwaait naar mij. Ik heb hem vaker gezien, nooit gesproken, alleen gegroet. Ik loop naar m’n hond en de man staat op.
”Goedemiddag.” zegt hij en glimlacht. In zijn rechterhand heeft hij een boterhamzakje met verkruimeld beschuit.
”Goedemiddag.” zeg ik en houd de hond bij me. Ik neem een trek van m’n sigaret.
”Mag ik je iets vertellen?” vraagt de man.
”Ja.” zeg ik en de hond gaat zitten.
”Ik had eens een vriendin.” zegt de man en haalt een foto uit z’n portemonnee. Hij laat hem aan me zien. Het is een mooie vrouw. Ik geef de foto terug. ”Ze verliet me zonder reden en ik ben er nooit achteraan gegaan. Ik hoorde wel dingen van haar vriendinnen die ik zo af en toe sprak in het café.”
”Wat voor dingen?” vraag ik.
”Dat doet er niet toe.” de man stopt z’n portemonnee terug in z’n broekzak. ”Wat er toe doet is dat ik er niks mee deed. Ik ging er niet achteraan, liet niks van me horen en luisterde de blues.” de man stopt z’n handen in z’n zakken. ”De blues is echt te gek.” zegt hij en doet een stap weg van me. ”Als er iemand op je wacht.” zegt hij en loopt weg. Ik kijk hoe hij wegloopt en m’n hond staat op. Hij kijkt me met een scheef hoofd aan.
”Ja, we gaan de blues luisteren.” zeg ik tegen hem en loop naar huis.

Author: Martin 381 days ago

”Ik heb telkens van die dromen. Over hoe mooi het leven is, de ware liefde vinden en dat soort dingen.” zeg ik en neem een slok bier.
”Je bent gewoon een hopeloze romanticus.” zegt m’n beste vriend, Patrick. We zitten bij mij op het balkon in de zon. Het is één van de eerste warme zomerdagen.
”Het gaat niet alleen over romantiek.” zeg ik en schaam me een beetje.
”Waar gaat het dan nog meer over?” vraagt Patrick en neemt een slok bier.
”Seks. Passioneel de liefde bedrijven, samen tot orgasmes komen. Niet het gebruikelijke gewoon vol pompen en keihard raggen.” zeg ik.
”Met mensen die je kent?” vraagt hij, pakt mijn sigaretten van tafel en steekt een sigaret op. Ik pak ook een sigaret en steek hem op.
”Nou… Ja.” ik wacht even. ”Weet je wat het is. Het zijn mensen waar ik niet echt van die fantasieën bij heb. Goeie vriendinnen zijn het.”
”Dat denk je maar. Ondertussen wil je niets liever dan ze passioneel neuken.”
”Moet je dat zo cru zeggen?”
”Ja. Omdat het kan.” de deur naar de lift vliegt open en m’n buurmeisje stapt het balkon op.
”Goedemiddag buurman.” zegt ze vrolijk.
”Goedemiddag buurvrouw.” zeg ik en wend me toch Patrick. Hij begint te lachen.
”Zij ook?” vraagt hij zachtjes en al lachend. Ik knik. ”Ik kan je niks kwalijk nemen.” zegt hij en we proosten.
”Ik heb wel goede smaak hoor.” We drinken en zitten daarna zwijgzaam van de zon te genieten. Toevallig waren we allebei vrij vandaag en besloten we dat het een dag zou worden van het niks doen en eindelijk weer een iets gezelligs te doen. Andere mensen zouden de stad in gaan of naar een andere stad. Wij zitten graag op mijn balkon bier te drinken en te roken. Je zou kunnen stellen dat we tevreden zijn met weinig.
”Hoe zit dat trouwens met dat ene meisje.”
”Welke van de duizend.” vraag ik.
”Dat meisje dat je zo leuk vond. Yasmine heette ze toch?”
”Yasmine ja. Ja, dat is een geval apart.”
”Laat ik het zo stellen. Heb je der überhaupt al gesproken?” het blijft even stil.
”Nee.” antwoord ik.
”Ben je te laf?”
”Misschien wel. Ik heb der maar een paar keer gezien en om haar dan meteen aan te spreken.”
”Ze vindt je leuk.” zegt Patrick. Het klinkt al een verwijt.
”Loop ik dan niet te hard van stapel?” denk ik hardop. Patrick heeft het door en antwoord niet.
”Je kan het altijd proberen.” zegt hij na een tijdje. ”Vertel eens over de droom die je over haar hebt gehad.”
”Wie zegt er dat ik een droom over haar heb gehad?”
”Ik ken je. Die heb je gehad.”
”Best. Komt ie.” ik neem een slok bier. ”Het was hier bij mij thuis zaten op de bank. Zij tegen mij aan, ik een arm om haar heen en we zaten gewoon… gewoon gezellig een film te kijken.” ik stop. Het is beter als het verhaal daar eindigt.
”En verder?”
”Ik weet niet of ik dat moet vertellen.” zeg ik.
”Ik ben je beste vriend, ik ben wel wat van je gewend.”
”Ze begon aan een striptease en toen ze volledig naakt was werd ik wakker.”
”Had ze een mooi lichaam in je dromen?”
”Je moest eens weten Pat.”
”Hoe vaak moet ik je zeggen dat het Patrick is en geen Pat, Patty of Patmeister.”
”De reactie is gewoon te leuk.” zeg ik. Het blijft weer stil en we genieten van de zon. Ik hoor de mensen door de winkelstraat lopen, kinderen schreeuwen om ijsjes en de kerk slaat drie uur.
”Wat een leven hé.”
”Inderdaad.” we proosten en drinken onze flesjes leeg.

Author: Martin 408 days ago

Er vond vannacht nog een moord plaats. De vierde van deze week. Weer een schoolmeid en weer een roze lint in der haar. Vier keer gestoken. Twee keer in de borst, twee keer in de buik. Ik stap de plaats delict binnen. Dit keer is het een oud verlaten fabriekspand in het kantoor van de opzichter. Het stond op de planning gesloopt te worden over drie weken. Het meisje ligt er nog steeds. Uitgekleed en met der armen en benen wijd gespreid. Ik buig over haar heen en sluit haar ogen.
”Heeft iemand al een idee wie het kan zijn?” vraag ik aan de agenten die er al waren. Zoals gebruikelijk komt Erwin naar voren, een jonge, onervaren agent met z’n hart op de juiste plaats. Hij bijt zich vast in elke zaak en laat niet los voor hij antwoorden heeft. Ik mag wel.
”We denken aan Michelle de Wit. Gisteren niet thuisgekomen van een feestje dat ze had bij haar vriendin aan de andere kant van de stad.” zegt hij en slikt even. Ik kijk hem vragend aan. ”Juist ja. Zeventien jaar, geen vriendje, gescheiden ouders en was moeilijk op school.”
”Hoe moeilijk.”
”Ze had een verhaal opgehangen dat een leraar haar had misbruikt zo’n twee jaar geleden. De zaak kwam voor de rechter en die gaf haar gelijk. De leraar werd ontslagen. We zijn hem nu aan het zoeken.”
”Het kan inderdaad een motief zijn. Leraar zoekt wraak, vindt allerlei meiden die problemen geven en vermoordt ze.” Erwin schrijft in z’n notitieblokje. Ik sta op en kijk uit het enige smerige raam naar buiten.
”Waar denkt u aan meneer?” vraagt Erwin die als enige is achtergebleven. De rest van de agenten zijn weg.
”Ik heb een dochter.” zeg ik en pauzeer even. Erwin zwijgt en begrijpt de hint.
”We zullen haar van school halen en haar escorteren waar ze ook heen gaat.”
”Waarom kunnen we dat niet bij elk meisje van die leeftijd doen.” vraag ik me hardop af. Weer heeft Erwin me door en zwijgt.

Ik zit aan m’n bureau. Iedereen is bezig met het onderzoek en de leraar is voor verhoor binnengebracht. Erwin komt me ophalen en licht me in. Ik sta op en loop naar de verhoor kamer. Ik stap naar binnen en de leraar zit aan de tafel met een kop koffie. Ik steek een sigaret op. De leraar staat op en steekt z’n hand uit. Ik neem hem niet aan. Hij gaat weer zitten en kijkt zenuwachtig om zich heen. Ik sta tegen de deur aan m’n sigaret te roken.
”Ik weet niet wat ik hier doe. Ik heb niks meer te maken met dat wicht.”
”Dat wicht is vermoord en jij hebt een motief. Ze heeft je zwartgemaakt en sindsdien zit je zonder werk. Wie wil een leraar met een strafblad in dienst.”
”Ik heb er alles aan gedaan om die meid te laten slagen op school. Bijles, oefentoetsen en ze kwam regelmatig bij me thuis om te leren. Thuis was het te onrustig.”
”Doe je dat bij alle leerlingen.”
”Ik heb het bij meerdere gedaan.”
”Juist ja.” ik neem een trek van m’n sigaret. ”Waar was je gisteren tegen middernacht.”
”Toen belde ik met m’n vrouw die een weekje in het buitenland zit. Ze kan niet slapen voordat ze me der dag heeft verteld.”
”We zullen de gegeven nakijken.” zeg ik en neem nog een trek van m’n sigaret. Langzaam blaas ik de rook uit. Ik gooi m’n sigaret op de grond en trap hem uit, klop op de deur die naar een paar seconden opengaat en loop naar buiten. Ik ga achter het spiegelglas staan en observeer de man. Erwin stond er al die tijd achter.
”Ik kijk de gegevens persoonlijk na.” zegt hij en kijkt me aan. ”Hij lijkt nog steeds wrok te koesteren tegenover haar.”
”Precies.” zeg ik. ”Dat doe je niet wanneer je je wraak al hebt genomen. Dit is hem niet.” zeg ik.
”Weet u dat zeker?” vraagt Erwin.
”Op dit moment weet ik alleen zeker dat de moordenaar moet worden opgepakt.”
”We zijn druk bezig meneer.”
”Al iets gehoord van de ouders?”
”Ze hebben vanmorgen het lijk geïdentificeerd.
”En?”
”Ze konden het niet geloven.”
”Ik ga straks bij ze langs. Heb je het adres?”
”Ligt al op uw bureau.” zegt Erwin. Ik ben blij met Erwin. Hij weet hoe ik denk en wat ik van hem verwacht, doet alles wat ik vraag en nog voordat ik het hem vraag.

Author: Martin 410 days ago

”Ik herinner me nog elke zonsondergang die we samen zagen. Waar we het over hadden en hoe ze in m’n armen lag.” zeg ik. Tegenover me zit Jonathan, een oude vriend van school en we halen herinneringen op over vroeger. Het enige waar we over kunnen praten. Hij zijn leven draait om voetbal, vissen en festivals. Geen van allen vind ik aantrekkelijk.
”Ze was echt een leuk meisje. Wat is er met haar gebeurd?” vraagt hij en neemt een slok bier.
”Drie jaar geleden werd bij haar kanker geconstateerd, ze is nog geen jaar erna overleden.”
”Had je nog contact met haar?”
”Ja, ik zag haar regelmatig in de supermarkt en had der op Facebook.” zeg ik en steek een sigaret op. We zitten in één van de weinige cafés waar we nog mogen roken.
”Zonde. Het was een mooie meid.”
”Ja, dat was ze zeker.” ik neem een trek van m’n sigaret en kijk het café rond. We zitten al een uur hier en hebben het alleen over vroeger, ik heb geen idee of Jonathan een vrouw heeft, wat voor werk hij doet of waar hij woont. We spreken altijd af op dezelfde datum, twee keer in het jaar. Op vijfentwintig november en vijfentwintig maart om acht uur. We zitten dan twee uur en drinken bier.
”Zie je iets?” vraagt Jonathan en kijkt ook rond.
”Nee, beetje kijken wat er zit. Hoe gaat het met jouw familie?” vraag ik nieuwsgierig.
”Ik ben twee maanden terug gescheiden en de kinderen zijn bij haar.”
”Het spijt me dat te horen.” zeg ik. Het is m’n standaardzin bij slecht nieuws.
”Ach, gebeurd is gebeurd.” hij wuift het weg. Ik besluit er niet op door te vragen.
”Weet je nog die ene kerel. Hoe heet ie ook alweer. Mark ofzo? Hij had altijd een fotocamera bij zich. Zo’n gigantisch ding.”
”Ja.” zeg ik in korte lach.
”Wat is er aan de hand?” vraag Jonathan aan me. Ik besluit open kaart te spelen.
”Waarom doen we dit eigenlijk nog?” vraag ik hem.
”Omdat het gezellig is.”
”Meer omdat het gewoonte is. Wat hebben we elkaar nu eigenlijk te vertellen. Het is fijn om herinneringen op te halen maar om daar nou twee keer in het jaar op vaste datums voor af te spreken. Zoiets moet spontaan komen.” Jonathan zegt niks en hoort me aan. ”Ik vraag me gewoon af of er nog meer is in dit leven dan altijd hetzelfde. Ik heb nog steeds dezelfde baan, dezelfde vrouw, dezelfde vrienden en kennissen.” Jonathan knikt begrijpend.
”Wat wil je zeggen?”
”Ik heb geen idee. Ik denk dat ik het gewoon zat ben.” zeg ik en doe m’n jas aan. Ik leg tien euro op de tafel. ”Ik zie je wel weer.” zeg ik en loop weg.

Author: Martin 416 days ago

”Vandaag is een goede dag voor een slechte oude gewoonte.” Ik steek een sigaret aan en inhaleer de rook, houd het vast in m’n longen en blaas het uit. Ik herhaal het en word licht in mijn hoofd. Wat heb ik dit gemist.
Ik sta in mijn zwarte pak met marineblauwe overhemd in Usselo te roken. M’n neefje staat naast me, hij is vijf jaar jonger en steekt ook een sigaret op. Ik heb mijn sigaret van hem.
”Is het zo erg?” vraagt hij.
”Het was m’n favoriete oom. Ik weet nog goed dat hij speciaal voor mij een sigaar aanstak omdat ik het zo lekker vond ruiken.” zeg ik en neem een trek van m’n sigaret.
”Hij gaf mij advies over meisjes.”
”Ik dacht dat ik dat altijd deed.”
”Ja, maar als ik het echt niet wist en jij ook niet ging ik naar hem toe. Hij had overal een oplossing voor.” m’n neefje glimlacht. ”Hoeveel meiden ik wel niet ben misgelopen door zijn oubollige advies.” we lachen. M’n tante komt naar buiten en ziet me roken.
”Jongen, druk dat ding toch uit.”
”Vandaag moet het even tante.” zeg ik en rook rustig verder.
”Het heeft best een impact op je gemaakt. Dat kan ik zien.” zegt ze en haalt haar menthol sigaretten tevoorschijn. Ze is op haar leeftijd nog gescheiden en is een typische kunstenares. Ik heb haar schilderijen gezien maar vind ze niet echt bijzonder. Natuurlijk zou ik dat nooit zeggen.
”Dat heeft het inderdaad gedaan. Ik zeg net dat het m’n favoriete oom is.” zeg ik, niet bewust van m’n fout.
”Was.” zegt m’n neefje. Ik kijk hem vragend aan. ”Je zei is en het is was.” ik herhaal de zin in m’n hoofd en geef hem een stoot tegen de schouder.
”Betweter.” zeg ik en neem een trek van m’n sigaret. Het is één van de weinige keren dat ik m’n familie samen zie. De dood verbroedert. Normaliter zie ik ze alleen op verjaardagen en dan is het een gebek vanjewelste over wie het slecht doet, op wie ze jaloers zijn en wat ze nu weer hebben meegemaakt. Ik blijf altijd buiten schot. Ik zit maar gewoon op de stoel of bank met m’n koffie en hoor het allemaal aan, het gebek is niet aan mij besteed. M’n tante, neefje en ik doen allemaal ons eigen ding en lopen niet mee met de grote menigte. We kijken alle drie naar de familieleden die naar de auto’s lopen. We begroeten ze en zeggen dat we binnenkort koffie komen doen. Dan komt m’n andere tante waar de man van is overleden erbij staan.
”Heb je voor mij ook een sigaretje.” zegt ze en kijkt m’n neefje aan. We zijn geschockeerd.
”Maar je hebt altijd gezworen nooit meer te roken na de chemo kuur.”
”Vandaag is een goede dag voor een oude slechte gewoonte.” zegt ze en steekt haar sigaret op. Ik knik goedkeurend en neem een trek van m’n sigaret.

Author: Martin 418 days ago

Ik sta met m’n gezicht naar de straatkant. Het is schemer aan het worden en de terrasjes lopen langzaam leeg. Op geen enkel terras staat een heater. Misschien maar beter ook, dit is een stad waar je uren op een terras kan blijven zitten en het verveelt niet. Ik kan het weten. Twee stoelen naast me zit Fleur. Een jongedame die 3 jaar jonger is dan ik. Ik ga zitten en neem een slok bier. Ze zegt niks en kijkt me aan. Ik heb haar pas een paar weken ontmoet, 2 keer gezien en de klik lijkt er te zijn. Deze zonnige dag hebben we samen doorgebracht. Door de stad gelopen, geshopt, gegeten en nu om het af te sluiten een terrasje. Ze pakt straks de trein naar haar huis. Ik wil dat ze blijft slapen maar durf het niet te vragen.
”Ik vind het gezellig.” zegt ze vanuit het niets.
”Wat?” vraag ik maar vermoed dat ik wel weet wat.
”Dit, gezellig de dag doorbrengen, jij verhalen vertellen, we lachen. Dit is zo fijn. Zo… vertrouwt.” ze glimlacht. ”ging deze dag maar nooit voorbij.” dit is mijn kans.
”Je kan ook blijven als je wilt.” zeg ik snel en hoop dat haar reactie positief is.
”Dat doe ik graag.” zegt ze en pakt m’n hand. Het is de eerste keer.
”Je mag kiezen, de bank of het bed.” zeg ik, niet te snel van stapel willen lopen. Ze lijkt teleurgesteld.
”Wat nou als ik kies het bed met jou er in.” zegt ze ietwat verlegen.
”Daar moet ik over nadenken.” zeg ik en lach nerveus. Ze is wel recht voor der raap. Ik vind het heerlijk. De hele tijd was ik nog aan het woord geweest, ze had gehoord dat ik mooi verhalen kon vertellen en dat wilde ze natuurlijk horen. Ik had besloten de verhalen over de avonturen die ik beleefde toen ik nog vaak de kroeg in ging en elk weekend met een ander sliep achterwege te laten. Haar duim streelt de top van m’n hand, de vlinders in mijn buik fladderen harder als normaal. Ze neemt een slok van haar witte wijn met ijs en zet het glas weer neer. Ze schuift haar stoel dichter tegen die van mij aan en legt haar hoofd tegen mijn schouder aan. Ik doe m’n arm om haar een en kijk vooruit. Ik wil haar hoofd kussen maar wederom ben ik te laf. Ze lijkt een gevoel van veiligheid bij me te hebben en dat vind ik fijn. Het is lang geleden dat ik dit zo heb ervaren.

Author: Martin 425 days ago

Ik zit aan de keukentafel met een kop koffie voor me en een sigaret tussen m’n wijs en ringvinger. Ik blaas de lucht langzaam uit in het kopje, de rook blijft hangen in het kopje. Ik blaas weer en de rook verdwijnt. Dit zijn mijn ochtenden. Na een slechte nacht word ik wakker met koffie en een sigaret. Alleen en in het appartement stilte. Ik mis het leven in m’n appartement. Elke dag werk ik voor de redactie en elke dag kom ik thuis om zes uur, maak wat te eten dat ik om half zeven opeet en om acht uur lig in in bed televisie te kijken. Ik heb een studeerkamer waar een televisie staat met een Xbox 360 erop aangesloten maar ik zit er nooit achter. Op m’n harde schijf staan tientallen films die ik nog moet kijken aangesloten op de televisie in de woonkamer. In het weekend ga ik naar m’n geboortestad om daar met m’n vrienden te stappen en slaap dan vaak bij m’n beste vriend op de bank. Ik leef niet.

Ik loop door de stad, blik op oneindig wanneer iets in me zegt beter te kijken. Ik loop langs de ijssalon, een terras en kijk het terras over. Ik blijf staan. Op het terras zit een dame aan een latte macchiato. Ze is diep in gedachten en kijkt naar de mensen die voorbij lopen. Haar ogen volgen een man die voorbij loopt, ziet mij, kijkt verder en kijkt weer naar mij. Ik glimlach en neem haar in me op. Ze heeft mooie grote ogen, volle lippen en half lang stijl bruin haar. Ze glimlacht terug. Ik zet een stap naar voren, bijna zwevend. Nog even twijfel ik of ik door zal lopen. Ik kijk links van me en wil me omdraaien maar m’n lichaam gaat naar voren. De zon komt door de wolken en schijnt vol in m’n gezicht. Het is een gevoel alsof ik in de spotlight sta. Ik loop langzaam naar haar toe en blijf aan haar tafel staan.
”Lekker weertje hé.” zeg ik, me bewust van het feit dat het de meest afgezaagde openingszin ooit is. Wanneer mensen niks te hebben vertellen beginnen ze over het weer.
”Best wel. Als die wolken nu eens weg gingen.” zegt ze en biedt een stoel aan.
”Sorry, ik moet naar huis. Eten koken en die dingen.” zeg ik. Het is een kans maar ik sla hem af. Zoals ik altijd doe. Ik had op m’n werk ook al hogerop kunnen zijn.
”Jammer. Eet smakelijk voor straks.” zegt ze. Ik glimlach nog een keer en draai me om. Ik kan mezelf wel voor m’n kop slaan en doe het ook wanneer ik uit haar zicht ben.

Het is de volgende dag. Ik loop weer van het station naar m’n huis door de stad. Dezelfde route als altijd. Weer langs de ijssalon, het terras en weer kijk ik het terras over. De zon schijnt nu feller dan gisteren. Weer zie ik haar. Ze ziet mij ook en zwaait. Ik besluit om eens een risico te nemen en loop naar haar toe.
”Ja, het is lekker weer.” zegt ze en lacht. Weer biedt ze me een stoel aan. Ik ga zitten.
”Het is inderdaad lekker weer.” zeg ik en doe m’n zonnebril af.
”Floor.” zegt ze en steekt haar hand uit. Ik neem hem aan.
”Domien.” zeg ik en na twee seconden laten we elkaars hand los. Het waren twee seconden hemel voor mij.
”Wil je iets drinken?” vraagt ze.
”Een biertje graag.” zeg ik en ze knikt, steekt haar hand omhoog en de serveerster komt er aan.
”Mag ik een biertje voor meneer.” zegt ze en de serveerster knikt en loopt weg.
”Ben je al lang vrij?” vraag ik.
”Ja, net een half uur. Kom jij ook net van werk?”
”Ja. Elke dag neem ik dezelfde trein, loop dezelfde route en eet om dezelfde tijd.” zeg ik nerveus. Ze lacht.
”Dus het is niet moeilijk om je te onderscheppen wanneer ik eenmaal de route weet.” ze flirt met me. Iets wat lang niet is gebeurd. Normaliter ben ik degene die hopeloos verliefd word maar er niks mee doet. Te laf om er op af te stappen, te laf om een praatje te maken. Te laf voor alles.
”Dat is inderdaad niet moeilijk.” de ober komt er aan en ik herken hem.
”Domien, lang niet gezien.” zegt hij, het is James. Hij zet het biertje voor me neer en legt z’n hand op m’n schouder. ”Zodra het weer beter wordt is deze man weer in de stad hoor. Waarom kom je nooit meer langs?” zegt hij.
”Wanneer bel je me weer.” zeg ik.
”Moet ik je telkens bellen dan? Je kan toch ook uit jezelf komen.” ik voel vijandigheid in z’n stem. Het is wel waar, ik kwam hier vaak langs maar de laatste paar maanden niet meer.
”Je hebt gelijk.” ik besluit de discussie net aan te gaan waar Floor bij zit.
”Geniet van je biertje.” zegt hij en loopt weg. Ik zie dat Floor zich geen houding weet te geven.
”Sorry daarvoor.” zeg ik verontschuldigend.
”Geeft niks, kan gebeuren.” ik ken haar nog maar net en nu heeft ze al de slechte kant van me gezien. Wanneer iemand me niet belt kom ik niet langs. Waarom? Geen idee, waarschijnlijk omdat ik in die sleur zit en het wel best vind. Ik heb er spijt van dat ik hier ben gaan zitten.

Author: Martin 432 days ago

”Ontmoet me hier over een jaar weer.”

Het was een dag waar de eerste lentezon te zien was. Mensen waren vrolijk, drukte in de stad en de terrasjes die snel waren neergezet zaten bomvol. Wat mensen al niet doen zodra ze een zon zien. Ook hij zat op het terras aan het begin en had goed zicht op het winkelende publiek. Hij zat er alleen, hij kon uren naar mensen kijken. Een dame kwam op hem af.
”Vindt je het erg als ik erbij kom zitten?” vroeg ze.
”Nee, natuurlijk niet.” zei hij en schoof een stoel naar achteren.
”Het is maar voor even hoor. M’n voeten doen zo zeer.” hij lachte.
”Wil je misschien iets van me drinken.” zei hij spontaan. Ze glimlachte.
”Lekker. Een ijsthee graag.” zei ze en ging zitten. Hij stak z’n hand omhoog en even later kwam een serveerster naar hem toe.
”Een ijsthee en nog een biertje graag.” zei hij. De serveerster nam de bestelling op en liep het café binnen. De dame stak haar hand uit.
”Yasmine.” zei ze, hij nam de hand aan.
”Jack.” zei hij en ze schudden elkaar de hand. Ze ging in het zonnetje zitten en leunde iets achterover. Ze zuchtte. ”Wat brengt je op deze dag hier?” vroeg hij.
”Ik wilde er eens tussenuit. Ik woon in Amsterdam en ga, wanneer ik tijd heb, plaatsjes af.”
”Leuk. Waar ben je allemaal al geweest?”
”Heerle, Scheveningen, Sondel, Den Bosch en meer. Thuis heb ik een hele landkaart van Nederland waar ik spelden in druk.” zei ze. De serveerster kwam er aan en zette de bestelling neer. Jack glimlachte vriendelijk en de serveerster liep weer weg.
”Interessant.” zei hij en hield z’n glas omhoog.
”Ja, proost.” zei Yasmine en proostte met hem. Beiden namen ze een slok. Zo zaten ze nog een paar uur. De zon ging langzaam onder. Ze besloten een deurtje verder te gaan en daar te eten. Samen, aan een tafeltje met een kaarsje. Ze leerden elkaar kennen en merkten dat ze veel gemeen hadden. Ze vonden elkaar interessant en voelden zich meer en meer op hun gemak. Ze namen samen een dessert. Yasmine had een fonkeling in haar ogen, zo leek het althans. Jack en Yasmine. Samen aan het eten aan een tafeltje met een kaars die steeds kleiner en kleiner werd. Ze hadden een geweldige tijd.
”Nog koffie doen?” vroeg Jack en riep de serveerster.
”Om af te sluiten.” zei Yasmine. Ze pakte z’n hand en streelde hem.
”Mag ik een cappuccino en een espresso?” zei Jack.
”Natuurlijk. Komt er aan.” zei de serveerster en liep weer weg.
”Cappuccino, lekker.” zei Yasmine.
”Ik kan je wel aardig inschatten.” zei Jack en legde zijn hand op de hare. Zo zaten ze een paar minuten tot de serveerster er aan kwam met de cappuccino en de espresso. Ze zette het tafel en het stel keek elkaar voldaan aan. Ze dronken het op en na tien minuten stonden ze buiten. Yasmine keek op haar horloge en besefte dat ze de laatste trein niet meer zou halen. Jack, die ook niet uit deze stad kwam maar op bezoek was geweest bij een vriend kwam met een idee. Ze besloten een hotelletje te zoeken.
”Dit is best gênant.” zei Yasmine toen ze naar het hotel liepen.
”Hoe bedoel je.”
”Nou, we hebben een leuke middag en avond gehad samen en dan nu een hotelletje. Doen we twee aparte kamers, samen in één kamer of samen in bed.” Jack ging voor haar staan. ”We hebben elkaar wel leren kennen maar je bent nog steeds een volkomen vreemde en…” Jack zoende haar. Hier had hij de hele avond al op gewacht. Yasmine sloot haar ogen en haar benen werden week, ook zij had hier op gehoopt.
”Je moet niet zoveel nadenken.” zei Jack. Yasmine kreeg een grote glimlach op haar gezicht.
”We nemen dus een kamer samen.” zei ze en pakte z’n hand.
Bij het hotel aangekomen boekten ze een kamer en stapten de lift in. Yasmine zoende Jack tot ze bij de etage aankwamen waar ze moesten zijn. Ze stapten de lift uit en zochten naar de kamer die ze hadden geboekt. Eenmaal gevonden openden ze de kamer en stapten naar binnen. De deur was nog maar net dicht of Yasmine gooide Jack op bed en zoende hem passioneel. Kledingstukken vlogen in het rond, ze eindigden onder de lakens. Die nacht bedreven ze de liefde. Waren ze zo’n twaalf uur geleden nog volkomen vreemden. Twee zielen die elkaar ontmoetten door toeval. Voor hen beide voelde het goed. Nooit hadden ze zoiets meegemaakt.
De volgende ochtend was Yasmine als eerste wakker en lag met haar hoofd op zijn borst in zijn armen. Ze gaf voorzichtige kusjes op z’n borst. Jack werd langzaam wakker. Toen hij Yasmine zag moest hij glimlachen en kuste haar hoofd.
”Goeiemorgen.” zei hij en kuste haar hoofd nog een keer.
”Goedemorgen.” Yasmina rolde uit z’n armen en ging op haar zij liggen met der gezicht naar Jack toe. Jack ging op zijn beurt ook op z’n zij liggen en keek Yasmine aan. Na een kleine minuut elkaar aan te hebben gekeken met een glimlach op het gezicht kleedden ze zich beide aan zonder een woord te zeggen. Voor beide was het iets nieuws en ze wisten zich geen raad. Toen ze beide aangekleed waren liepen ze de kamer uit, naar de lift, begane grond en naar de ontbijtzaal.
”Dit is geweldig.” zei Yasmine die net haar eten doorslikte.
”Dat is het zeker.” ze aten verder zwijgzaam door. Ze wisten allebei dat hier een einde aan zou komen maar wilden er niet bij stilstaan.
Ze waren klaar met het ontbijt, betaalden bij de receptie en liepen naar buiten.
”En nu?” vroeg Yasmine en omhelsde hem.
”Nu gaan we ieder onze eigen weg.” zei Jack. Het was z’n mond uit voor hij er erg in had.
”Ja.” zei Yasmine. ”Dat is wel het beste.”
”Ontmoet me hier over een jaar weer.” zei Jack.
”Dat zal ik doen.” zei Yasmine en draaide zich om. Ze had nog geen twee stappen gezet toen ze zich weer terug draaide en Jack zoende. Het duurde vijf minuten, sloeg hem zachtjes op z’n borst en vertrok toen. Jack stak een sigaret op en keek hoe Yasmine in de mensenmassa verdween.

Author: Martin 435 days ago

De zon is ver te zoeken. De schemer begint en ik loop door de stad op zoek naar een plek om na te denken. Ik loop naar het paviljoen aan de kade maar kom er achter dat die dicht zit wanneer ik dichterbij kom. Ik loop weer terug de stad in, naar het eetcafé waar ik vaker kom. Ook die zit op maandag dicht, net als het koffiehuis ernaast. Ik kijk naar het gebouw ernaast. Een pizzeria die naar mijn weten nog bezig was met de verbouwing. Achter de ramen zie ik mensen zitten dus waag ik het er op. Ik loop naar binnen en een jongedame van een jaar of achttien komt naar me toe.
”Goedenavond.” zegt ze vrolijk met een hupje. Hetzelfde hupje dat m’n ex altijd maakte. Het steekt.
”Goedenavond. Tafel voor één.” zeg ik en kijk het restaurant door.
”Dan mag u een tafel uitzoeken.” zegt ze en wijst het restaurant in.
”Bedankt.” zeg ik en loop het restaurant in. M’n oog valt op een tafeltje voor twee personen in de hoek waar een kaarsje op staat te branden, net als op alle andere tafels. Ik neem plaats en doe m’n pet af, m’n handschoenen uit en leg ze op de tafel neer. De serveerster komt naar me toe, dezelfde jongedame die me zo even begroette.
”De menukaart.” zegt ze en overhandigd me de kaart. Ik neem hem aan. ”Wilt u al iets drinken?”
”Een cola graag.” zeg ik terwijl ik der aankijk. Ze heeft mooie grote bruine ogen en een vriendelijke glimlach. Ze loopt weg. Ze heeft een witte blouse aan met daaronder een zwarte rok die net over haar knieën valt. Ik betrap mezelf op een wilde fantasie. Ik leg m’n telefoon naast me neer en leun voorover en bekijk de menukaart. De keuze is snel gemaakt wanneer ik een pasta zie met zeevruchten. Ik klap de menukaart dicht en doe vouw m’n handen in elkaar. Beelden van m’n exen schieten voorbij en daarmee het gevoel dat ik bij ze had. De serveerster komt naar me toe met een glas en een flesje. Zet het op tafel en schenkt een beetje cola in.
”Alstublieft en had u al een keuze gemaakt of heeft u nog niet gekeken?” vraagt ze.
”De pasta met zeevruchten graag.” zeg ik met een glimlach terwijl ik haar de menukaart weer overhandig.
”Een uitstekende keus.” zegt ze, neemt de menukaart aan en loopt weer weg. Ik leun weer voorover, doe m’n handen tegen elkaar en houdt ze voor m’n mond. Ik weet van allemaal waarom het uitging behalve van één. Ik kijk snel het restaurant door. Bij het raam zit een stel dat, vermoed ik, al lange tijd bij elkaar is. Beide kijken ze uit het raam met af en toe een woord. Een tafel verder zit een moeder met dochter en op de stoelen ernaast tassen. De serveerster komt naar ze toe en ik vang iets op als; ”We komen niet van hier, we zijn hier alleen gekomen om te winkelen.” daarachter zitten weer twee oudere mensen te eten en te praten. Ze lijken gelukkig. Ik kijk weer naar het jonge stel. Zo zaten zij en ik ook eens. Bij een eetcafé in Parijs, we waren een halfjaar samen, mensen te kijken. Ik vraag me af hoe het nu met haar gaat. Alle contact is verbroken en het enige wat ik kan doen is raden. Ik weet van mijn moeder dat ze nog steeds bij dezelfde winkel komt die ik mijd. Van m’n beste vriend heb ik gehoord dat ze der haar heeft geblondeerd maar dat ze nu haar eigen kleur weer heeft. Ik weet niet of ze een nieuwe vriend heeft. Weer die steek, weer die pijn. In m’n hoofd herhaal ik de laatste avond die we hadden. Het was een afslachting. Ik ben zo in gedachten dat ik de serveerster niet opmerk. Ik schrik op uit m’n gedachten en ga achterover zitten. Ze zet het bord pasta voor m’n neus.
”Eet smakelijk.” zegt ze en loopt weg. Ik kijk naar de lege stoel tegenover me en beeld me in dat zij weer tegenover me zit. Zoals we vroeger zaten. Zij aan m’n lippen hangend terwijl ik de mooiste verhalen verzon over romantiek. Toen vertelde ik nog over de schoonheid van het leven, romantische verhalen en scenes. Dat was voor ze weg ging. Daarna besloot ik het niet te delen maar te schrijven en het voor mezelf te houden. In gedachten peuter ik de mossel uit de schelp en eet hem op. Het eten smaakt me en leidt m’n gedachten wat af.
Ik ben ongeveer vijf minuten aan het eten wanneer de serveerster naar me toe komt om te vragen of het smaakt. Ik antwoord met ja en ze loopt weer weg. Afwezig ga ik verder met eten, als achtergrond muziek het gepraat van de mensen.

Author: Martin 438 days ago

Ik loop over straat. Over mijn schouder heb ik een rugtas hangen met daarin het manuscript van m’n nieuwe boek. Het is een bundel van korte verhalen die zo’n honderd pagina’s lang is. Ik ben onderweg naar mijn uitgever die, zoals bij elk nieuw manuscript of idee me uitnodigt voor een borrel, ‘s avonds laat. Ik loop stevig door, m’n focus op de stoeptegels, ik probeer gelijkmatig te lopen. Tegel, rij tegels, tegel. Het is bijna ritmisch te noemen. Iets in me zegt me dat ik moet opkijken. Net op tijd stop ik met lopen of ik was tegen een man aangelopen die een taxi probeert aan te houden. Ik kijk rond en zie een dame achter een raam in haar ééntje dineren. Ze heeft kastanjebruin haar dat glimt, bloedrode lippen en een lichte huid. We maken oogcontact. Ik ben verblind door liefde, in mijn buik fladderen miljoenen vlinders rond. Ik draai me bij en zet een stap vooruit, in een plas water. Alles om me heen lijkt in slow motion te gaan. Het gebrul van de auto’s ebt langzaam weg. In mijn hoofd klinken de prachtige klanken van violen. Het water uit de plas spat omhoog en blijft zweven. Ik doe nog een stap vooruit.
Zij zet haar wijnglas neer en staat op, haar stoel schuift naar achteren, ze doet een stap, nog één en nog één. Haar voet breekt het glas, de ruit vertoont scheurtjes en spat uiteindelijk uiteen. Haar voet komt neer op de grond. Het glas blijft als diamanten om haar heen zweven.
Vanaf rechts komt een auto aangereden, ik zie hem niet aankomen, mijn focus op haar. Hij wijkt uit en raakt in de slip, vliegt over de kop, momentum. Het voertuig vliegt rakelings over me heen en knalt op de grond. Geen geluid. We komen dichterbij elkaar. Ze heeft mokka kleurige ogen. Twee meter, nog een stap. Een meter, we sluiten onze ogen, getuite lippen. Ik voel haar dichterbij komen, ik raak haar hand aan.
Ze glimlacht en ik glimlach terug. Het geluid komt terug, de chaos. Ik blijf nog twee seconden staan, draai me bij en loop door, focus op de stoeptegels.

Author: Martin 451 days ago

Ik word langzaam wakker in een walm van schoonmaakmiddel. Mijn verloofde is vanmorgen druk bezig geweest met het huis aan kant te krijgen. Vanavond krijgen we bezoek van m’n schoonouders. Ze zijn van een ‘hogere’ klasse zoals ze het zelf zeggen en mijn toekomstige vrouw wil nog altijd hun goedkeuring. Ik vind het sneu. Mijn ouders leven allebei nog, zijn gescheiden maar hun goedkeuring heb ik lang geleden al gekregen toen ik m’n eerste boek uitgaf. Ik heb ze bewezen dat ik van m’n hobby m’n werk kon maken. Dat is ondertussen al weer vijftien jaar geleden. Ik stap uit bed en word begroet door de hond. Een kleine jack russel die m’n vrouw in een opwelling heeft gekocht. Ik aai het beest en loop de slaapkamer uit, de badkamer in.
De overweldigende geur van bleek komt me tegemoet. De porseleinen pot glimt, ik kan nog net m’n spiegelbeeld er niet in zien. Ik verpest het met m’n ochtendurine.

”Doe je kleren aan en doe alsjeblieft wat aan je haar.” zegt m’n verloofde en ik kijk in de spiegel. M’n schoonouder komen om ongeveer een half uur en ik loop nog in joggingbroek en een oud gekreukeld shirt. Zij is al helemaal opgedirkt. Nette kleren, parfum, make up. De hele mikmak.
Met tegenzin loop ik naar boven en trek m’n kleren aan. Een zwarte pantalon en een donkerblauw overhemd, nog net geen stropdas. Voor de spiegel bekijk ik me nog even, normaal zou ik het geweldig vinden om deze kleren weer aan te kunnen maar het is een zondag. Dat is mijn enige vrije dag waarop ik gewoon wil doen wat ik wil.
In de badkamer doe ik, zoals m’n verloofde al beval, iets aan m’n haar. Ik wil een statement maken dus laat één plukje naar voren hangen. Het is niet veel maar meer kan ik niet doen. Ze zei gisteren vlak voordat ik in slaap viel pas dat ze langskwamen. Kort genoeg zodat ik geen bezwaar meer kan maken, lang genoeg om me er aan te ergeren. Ik loop naar beneden en gek genoeg vraag ik om haar goedkeuring. Ze knikte en schenkt koffie voor me in, ik loop naar de keuken, doe er wat suiker in en een scheutje amaretto. Ze zal het waarschijnlijk wel ruiken, maar ze begrijpt het. Zoals ze dat altijd doet. Ze zal niks zeggen maar haar blik zegt genoeg, geen afkeurende blik. Gewoon een glimlach en vaak gevolgd door een kus. Ik hou van der, juist daarom.

Author: Martin 452 days ago

Hoe komt het dat ik me herinner van de eerste sneeuw en dat we naar buiten gingen ‘s avonds om in de sneeuw te spelen maar niet dat ik een uur van te voren m’n schoenen heb klaargezet om naar de schoenmaker te brengen. Of dat ik vergeet m’n tanden te poetsen terwijl ik nog geen minuut geleden er nog aan dacht onder de douche. Ik loop door de stad, zonder m’n schoenen en kijk de winkels rond samen met mijn buurman. We kijken naar overhemden voor hem in te dure winkels. Een man mag dromen.
”Daar zit de schoenmaker.” zegt hij en kijkt naar m’n handen.
”Dat ben ik dus vergeten.” zeg ik en sla mezelf voor m’n hoofd. Het is al de vierde keer dat ik het vergeet.
”Heb je ze klaargezet zoals ik al zei?”
”Ja, naast het kastje bij de deur. Ik zei toch dat ik een warhoofd was.” hij laat me de schoenmaker zien. De winkel is dicht. Dan maakt het ook niet uit dat ik ze ben vergeten. In de bus naar de stad hadden we het nog over vroeger. We lopen een winkel binnen waar ik liever niet kom. Het is een winkel met van alles. Campingspullen, lingerie, kleding, gebak en rookworsten. Naar mijn mening te veel voor één winkel. Hij kijkt naar overhemden en vraagt af en toe mijn mening waarop ik antwoord met: ”Jij moet er in lopen.”

We komen weer aan bij onze huizen. M’n buurman is geslaagd met een paars en zwart overhemd. We nemen afscheid en ik stap m’n huis binnen. De tas met schoenen lijkt me uit te lachen. Ik besluit dat ik hem laat staan, loop de woonkamer binnen en plof op de bank. Ik pak de afstandsbediening en begin te zappen.
”Kut, kleerhangers.”

Author: Martin 453 days ago

Sam zat aan de eettafel lasagne te eten toen de deurbel ging. Hij deed open en het was Jack, z’n beste vriend die hij al het langste kende, staan.
”Jack, vanwaar dit onverwachte bezoek?”
”Ik was in de buurt en had je al een tijd niet gezien dus ik dacht, laat ik eens langswippen.”
”Kom er in.” zei Sam en deed de deur verder open. Jack stapte het huis binnen, hing z’n jas op en liep de kamer binnen.
”Je was nog aan het eten zie ik.”
”Ja, moet je ook wat?”
”Lasagne, ja lekker.” Sam liep naar de keuken en schepte Jack een bord op, zette het op tafel neer en ging weer zitten.
”Smakelijk.” zei Sam en at verder.
”Ja, smakelijk.” Jack nam een hap. ”Dit is lekker.” zei hij met volle mond. Sam glimlachte. Ze aten door en toen ze beiden hun bord leeg hadden staken ze een sigaret op.
”Hoe staat het met je boek?” vroeg Jack.
”Het vordert. Ben net de honderd gepasseerd.”
”Vandaag?”
”Ja, vlak voor het eten. Ik was van plan even de kroeg in de gaan maar toen begon het te sneeuwen.”
”Ja, het is slecht weer.” zei Jack en nam een trek van z’n sigaret.
”We kunnen hier een flesje doen.”
”Bier neem ik aan.”
”Ja, bier. Heb de koelkast volstaan.”
”Lijkt me een goed idee.”
”Maar hoezo was je in de buurt dan?”
”Ik kwam van het station, ben naar Jacqueline geweest in Hoevelaken. Toen ik terug kwam was m’n fiets gejat en ik dacht, laat ik maar naar huis lopen.”
”En je dacht er niet aan om met de bus te gaan.”
”Jawel, heel even. Het leek me wel lekker om door de sneeuw te lopen.”
”Juist ja. Nou, je bent hier en we trekken een biertje open.” Sam stond op en liep daar het opberghok waar hij een koelkast had staan speciaal voor bier, pakte twee biertjes en opende ze met z’n aansteker. Hij zette een biertje voor Jack neer en ze verplaatsten zich naar de bank. Sam zat in z’n vaste hoek en Jack aan de andere kant. Hij zette de radio aan en nam een slok bier.
”Hoeveel pagina’s ga je nog schrijven?” vroeg Jack.
”Ik denk nog een stuk op honderd, honderdvijftig.”
”Heb je wel zoveel materiaal?”
”Ik heb al heel wat stukken geschreven die ik later in het boek plaats, allemaal nogal grote gebeurtenissen.”
”En je vult de tekst tussen die stukken gewoon met eindeloos gebrabbel?”
”Ik denk het wel. Misschien nog een kleine plotwending ofzo.” Jack nam een slok bier.
”Mag ik wat lezen dat je al hebt geschreven?”
”Natuurlijk, m’n laptop ligt op tafel. Ga maar lezen.” Jack stond op en liep naar de eettafel waar de laptop stond, opende het ding en zocht naar de stukken. Uiteindelijk vond hij ze en begon te lezen. Sam nam een slok bier en luisterde naar de radio. Na een halfuur was Jack klaar met alle stukken, knikte licht en stond op.
”Het lijkt me nu al een goed boek.” zei hij en ging weer op de bank zitten.
”Ik kan je de eerste honderd pagina’s wel sturen.” zei Sam.
”Lijkt me een goed idee.” Jack proostte met Sam en ze namen beide een slok bier.

Author: Martin 474 days ago

Verjaardagen. Eindeloze discussies over welke dag ze elkaar voor het laatst zagen en wie er bij was. De drank vloeit als een rivier en met het uur worden de gesprekken serieuzer. Op het eind blijft de ‘Die Hard’ groep zitten en maken de restanten wijn en bier op. Je zou het de gezelligheid kunnen noemen die overblijft. Dat is mijn ervaring met verjaardagen althans. Normaal gesproken was ik de eerste die weg ging, maar dit keer niet. Omdat ik niet anders kon dat het gedoe maar af te wachten. Met een blanco geest er heen, vreemden ontmoeten om vervolgens je hele levensverhaal aan ze te moeten vertellen. Nouja, moeten… het was een keuze. Ik had ook de verbeterde versie kunnen vertellen, de versie vanuit m’n boek hoe m’n leven had moeten zijn. Dan had ik gezegd dat ik werkte in het café van m’n moeder en m’n vrienden regelmatig zag. Maar nee, ze wisten van m’n situatie af en waren nieuwsgierig naar de man over wie de verhalen gingen. Die hebben ze ontmoet. Het gebruikelijke ‘maar je komt zo normaal over’ en ‘ik vind dat je goed bezig bent’ kwamen langs. Het feest kwam op z’n einde en we vertrokken, het was 5 uur later, de tijd was voorbij gevlogen.
En daarna het andere feest, de zaterdagavond in de stad. Ik als enige aan de cola, de rest aan het bier. Ik weet niet of het kwam omdat ik nuchter was of omdat ik gewoon moe was maar de wereld leek anders. Mensen aan de bar die praten, een glas laten vallen, apart dansen en oude bekenden. Het normale riedeltje. Hoe is het met je en dan willen ze horen dat het goed gaat dus dat zeg je dan maar. Oude bekenden die je al 2 jaar niet hebt gezien, geen steek zijn veranderd en blij zijn je eindelijk weer te zien na al die verhalen en het vragen hoe het met je gaat. Een aangeschoten vriendin die niet vaak genoeg kan zeggen dat ze je echt begrijpt en onvoorwaardelijk van je houdt.
Ja, het was een zaterdag om niet snel te vergeten.

Author: Martin 495 days ago

Volg je hart, gebruik je hoofd.
Dat staat op een reclamebord op een station. Ik vraag mezelf nu iets af. Hoe kan je je hart volgen en tegelijkertijd je hoofd gebruiken? Bij mij werkt het niet zo. Mijn hart is impulsief, maakt overhaaste beslissingen en vindt dat ik van alles moet doen. M’n hoofd daarentegen overdenkt alles eerst minimaal 3 keer en gaat dan pas over op actie, als er een actie van toepassing is. Dat is ook maar iets van het laatste jaar, maar toch het zit er wel in. Vindt mijn hart dat ik iets moet versturen dan wil m’n hoofd er mee wachten. Met drank op heeft m’n hoofd niks meer te zeggen en komt alles uit m’n hart. Daarom heb ik het verstuurd. Met een semi-dronken kop heb ik het verstuurd. Volg je hart, gebruik je hoofd. Afzonderlijk werkt het wel, geen probleem. Je krijgt een idee aangegeven door je hart, overdenkt het een paar keer, overweegt de opties de voor en nadelen en voila, resultaat. Actie. Ik vind het maar een aparte reclame maar het zet me wel aan het denken. Misschien moet ik iets meer m’n hart laten spreken en m’n hoofd af en toe wat rust gunnen.

Author: Martin 506 days ago

Ik zie haar reflectie in het raam. Ze kijkt, net als ik zo even, uit het raam. Ze heeft lang donkerbruin krullend haar en voor zover ik kan zien bruine ogen. Ze lijkt moe en doet haar ogen even dicht. En ik omschrijf haar in mijn hoofd, de romanticus die ik ben.
We zitten samen in de trein, kennen elkaar niet. Ik bedenk een heel leven om haar heen, waar ze vandaan komt, wat ze gedaan heeft en waar ze naartoe gaat. Volgens mijn fantasie is ze bij vriendinnen geweest en bijgekletst op een terras van een grand café met heaters. Daar heeft ze een uur of 3 doorgebracht en gaat nu naar huis om daar nog een glaasje wijn te drinken voor de televisie en vervolgens gaat slapen. Ze moet uitstappen. In gedachten wens ik haar nog een fijne avond en stapt de trein uit. Nog een laatste blik en de trein rijdt alweer weg. Weer een leven erbij, weer een leven dat doorgaat.

Ze zit naast me. Dit keer met een koffer op wieltjes. Der bruine haar valt net over haar schouders en ze kijkt naar buiten. Ze ziet me niet, heeft geen besef van mijn bestaan en als ik zo er uit moet merkt ze het niet eens.
Ik neem het haar niet kwalijk. Nu bedenk ik me dat ze een lang weekend bij der ouders is geweest, weer praten met vriendinnen en zaterdag toch nog even de kroeg in geweest. Ze kijkt stil uit het raam en mijn fantasie slaat op hol. Ik wil weten wat ze heeft gedaan, waar ze naartoe gaan. Ik heb het lef niet te vragen wat ze heeft gedaan. Weer moet ze uitstappen en weer rijdt de trein verder.

Ze zit tegenover me, het enige dat ons scheidt zijn 2 stoelen. Ik kijk snel naar haar, vanuit m’n ooghoek. Door de opening van de stoelen kan ik haar ogen net zien. Ze zijn prachtig. Ik denk dat ze me niet zien, onze ogen ontmoeten elkaar niet, ze is druk in gesprek met haar vriendin. Ze lachen, dan fluisteren ze en lachen dan weer.
Ik kijk weer naar der. Ze schuift op en ik zie haar ogen niet meer, dan kijk ik uit het raam. Vanuit m’n ooghoek weer naar haar, maar zie haar nog steeds niet. Dan kijk ik door het raam en zie dat ze naar me kijkt. Haar ogen kijken snel weg. Ik krijg een kleine glimlach. Ze ziet me staan. Na al die ritten ziet ze me zitten, ze weet van mijn bestaan. Elke keer als ik naar der kijk in het raam, kijkt ze naar mij. Haar vriendin gaat anders zitten en ik voel haar ogen naar me kijken. Ik kijk snel in m’n telefoon en kan een glimlach niet onderdrukken. Ik hoop dat ze me aanspreekt, ik heb het lef niet. De trein stopt en ze stapt, samen met der vriendin, uit. Ik kijk door het raam en ze kijkt terug. Ik glimlach alleen maar, laat m’n hoofd achterover vallen en de trein rijdt verder.

Author: Martin 514 days ago

Welkom bij jezelf. Die tekst zag ik toen ik iets opzocht en het zette me aan het denken.
Hoe zou het zijn als je naar jezelf toe kon in de vorm van een thema park.
”Welkom bij jezelf, wees voorbereidt op een harde confrontatie.” zou ze man bij het loket dan zeggen. Er zou een achtbaan zijn die de schommeling van mijn manisch depressiviteit weergeeft, een kamer waar je een psychose kan beleven, de kamer zou dan bewegen, lichtflitsen en je het idee geven dat je hallucinaties hebt van griffioenen en andere mythische wezens. Eetkraampjes waar je slechts pizzapunten, broodje bapao en gevulde koeken kan kopen en cola om het weg te spoelen. Een groot spookhuis waar al mijn zieke fantasieën in te zien zijn en kotsende mensen die er uit komen.
Het zou wat zijn, een thema park van jezelf. De confrontatie met jezelf.

Author: Martin 522 days ago

Een man in een gestreken uniform liep door een lange gang. Chirurgisch wit aangekleed met felle tl lampen die de raamloze gang verlichten. Om de 3 meter een grote witte deur met een klein raampje op ooghoogte. De man keek door het raampje van één van de deuren en liep de kamer in. Daar stond een vrouw wat op een papiertje te schrijven.
”Kate Burns, altijd in nauwe samenwerking met de patiënten.”
”Generaal Simmons, hoe maakt u het.” zei ze lichtelijk geïrriteerd.
”Doet niet ter zake. Hoe gaat het met onze patiënt?”
”Hij is stabiel, af en toe bij bewustzijn maar niet helder.”
”En verder?” hij doelde op de fysieke toestand van de patiënt.
”Geen veranderingen.” zei Kate en de man liep weer weg. Toen de deur dicht ging fluisterde Kate; ”Het is veilig.” Lucas deed z’n ogen weer open en gromde licht. Kate had hem Lucas genoemd. Dat deed ze bij alle patiënten, ze begon bij de A en zou dan eindigen bij de Z.
”Dat was generaal Simmons, hij is niet goed. Hij wil mensen als jou gebruiken voor z’n eigen gewin.”
Lucas gromde, wees naar Kate en maakte hij een omsluitend gebaar, wees toen naar de deur en trok een lijn met z’n duim over z’n nek.
”Precies.” zei Kate. Lucas had een zware beharing over z’n lichaam, de klauwen van een leeuw die hij in en uit kon trekken en grote scherpe hoektanden. Als je niet beter wist zou vanuit de verte denken dat het een bruine beer was. Hij was één van de vele personen die slachtoffer was geworden van generaal Simmons horrorpraktijken. Hij transformeerde volstrekt normale personen in afzichtelijke monsters of, zoals Lucas, in een mix van mens en dier. Kate beschouwde ze liever als mens dan als mislukt experiment. Zo hield ze haar passie in haar werk. Voorheen werkte ze in een ziekenhuis als zuster en daarnaast deed ze de thuiszorg. Daar had ze altijd een band met de mensen en luisterde naar de verhalen van de mensen. Hier moest ze achter de verhalen zien te komen. Een bevriende man die in het onderzoekslab hield haar vaak op de hoogte zodat ze wist wat ze kon verwachten.
Ze pakte een boek uit haar tas en gaf dat aan Lucas. Ze zag een glimlach op z’n gezicht. Ze wist dat hij van lezen hield door die bevriende laborant. Lucas was een normale man met een normale baan. Hij werkte op een redactie van een locale krant, had geen naaste familie meer en bracht z’n dagen vaak eenzaam door in z’n huis en las daar boeken. Het type dat mensen niet snel zouden missen, precies wat generaal Simmons zocht. De zieke sadist.
Kate liet Lucas alleen met z’n boek en liep de kamer uit, naar de kantine. Daar wachtte Anthony haar op, de bevriende laborant.
”Hey Kate, hoe gaat het met Lucas?”
”Hey Tony, het gaat goed. Ik denk dat dit de persoon is die Simmons zoekt. Hij reageert goed op de mutatie hij kan alleen nog niet praten.”
”Kan je je voorstellen wat er gebeurt wanneer hij de juiste formule vindt. Een leger van haast onoverwinnelijke supersoldaten.”
”Ik wil het me niet voorstellen. Doet het jou dan niks wat er met die mensen gebeurt?”
”Het doet me genoeg, maar mijn gezin doet me ook veel.”
”Hoe bedoel je?”
”Simmons dreigde mijn familie net zo lang te martelen totdat ik toe zou stemmen. Dat kan ik ze niet aandoen.”
”Dat wist ik niet… sorry.”zei Kate en wreef over z’n schouder.
”Je kon het niet weten, daarbij ik krijg hier meer betaald dan m’n vorige werk. Kunnen m’n kinderen mooi gaan studeren.” Anthony nam een hap van z’n burger. ”En het eten is hier beter.” zei hij met volle mond. Kate glimlachte en nam een hap van haar sandwich.

Author: Martin 523 days ago

Dromen. Wat zijn dromen?
Momenten geëtst in tijd, sierlijke stroken op schemerend canvas, snel als de kosmos. Stille wiegeliederen echoënd door de opkomst van dageraad. Dromen.
Het verst reikende van de verbeeldingskracht. Verborgen schoonheid in onverwachte plaatsen.
Sculpturen van perfecte imperfectie, dit zijn dromen.
Sublieme tochten van het buitengewone. Bedroefde schaduwen van requiems lang geleden.
Vormen en vormloosheid.
Texturen die overlopende visioenen uitstralen en kleurrijke geluiden. Dromen die glinsteren tussen wensen en sterren.
Mysterieus,verheven, overstegen zagen ze door oneindige mogelijkheden.

Author: Martin 527 days ago

Hoe afschuwelijk. De mens met de eeuwige glimlach. Die overal om lachen om het flauwste grapje om de domste opmerking of nog erger, om zichzelf.
De mens met de eeuwige glimlach. Ik haat… nee, ik verafschuw dat soort mensen.
Ze lachen echt om alles, maar dan ook om alles. Willen bij iedereen geliefd zijn en praten vaak met een, tot op het bot, irritant toontje wanneer je met ze praat. Bij hun bazen likken ze zichzelf een plek omhoog want o wee als de baas je niet mag. Wat moet je dan?
Ik ken er meerdere en ik moet er niet aan denken met die figuren een hele dag vast te zitten in een lift. Ik als cynische pessimist met die fleurige fluiters. En dan denken ze ook nog dat ik behoefte hem aan een zoetsappig gesprek. Het is maandag en ik heb er geen zin in, dit is de enige dag in de week dat mijn humeur zo laag bij de grond ligt dat ik er bijna over struikel. Mijn humeur is zo slecht dat er een waas van duisternis om me heen zweeft en elk fluitend vogeltje de mond snoert, elke uv straal tegenhoudt.

Toegegeven, ik was ook iemand die altijd lachte. Het was mijn masker, mijn manier van met de mensen omgaan. Blijven lachen, dan stellen ze geen vragen. Niet de intentie om bij iedereen in het goede boekje te staan. Gewoon maskeren die handel. Don’t ask, don’t tell.
Ik zou niet weten wanneer dat masker is gevallen maar ineens was het daar. De cynische, pessimistische, sarcastische ik. Zo ineens, van je poef! En daar was ie.

Ik zeg niet dat alle mensen zoals mij moeten worden, sterker nog, ik moedig ze aan tegen het leven de lachen en de positieve kanten van alles te zien. Je moet alleen niet te ver doordraven in je ideeën en niet met de eeuwige glimlach lopen. Ik bijvoorbeeld wil best mijn vrienden helpen met problemen, maar op mijn manier. Die zal niet iedereen even bevallen, maar fuck it. Mij zul je nooit betrappen op dat begrijpende toontje. Ik zal hooguit wat te drinken aanbieden en je vragen te vertellen wat het probleem is. Ik zal dan zeggen hoe ik er tegen aan kijk als buitenstaander om vervolgens een advies te geven waarmee je het maar zult moeten doen.
Nee, mij zul je niet meer betrappen op de eeuwige glimlach, dat begrijpende toontje. Mocht je het wel doen mag je me op je aller hardst in m’n ballen trappen en schreeuwen ”Verrader, verrader!!”

Author: Martin 530 days ago

Sam zit op zijn bank. Gisteren had hij de date met Ann. Het is grauw buiten en volgens het journaal zou er een kleine storm komen vandaag. Hij besloot dan ook binnen te blijven.
De date verliep soepel, hij heeft Ann leren kennen en zij hem. Ze hadden de fles wijn leeggedronken en ze was rond middernacht weer gegaan. Het was een gezellige avond. Hij had daarna de hond nog uitgelaten en nog wat tv gekeken.
De telefoon gaat, hij het is een sms’je van Ann.
Ik wou gewoon even zeggen dat ik een hele leuk avond heb gehad. xx
Sam glimlacht. En begint een berichtje terug te typen.
Dat is wederzijds, was een geslaagde date. xxx
Hij legt z’n telefoon weer naast zich neer en kijkt tv. Er is een marathon van een Flashpoint, een serie die hij graag kijkt. Deze aflevering gaat over een gijzeling. Hij loopt naar de keuken en gooit een broodje bapao in de magnetron, van waar hij staat kan hij de televisie nog net zien. Hij wacht een minuut en haalt het broodje uit de magnetron en haalt het uit de verpakking, loopt weer naar z’n plek en gaat op de bank liggen. Weer een sms’je.
Hoe ging je date? Phil.
De date ging goed, leuke dame. Ik kan niet wachten op de volgende date. Sam.
Hij legt z’n telefoon weer naast zich neer en kijkt weer naar de televisie. Hij heeft net een belangrijk stuk gemist want hij kan het nu al niet meer volgen. De hond loopt van de trap af en springt bij z’n baasje op de bank. Sam geeft de hond een stukje van z’n broodje, die het gulzig op eet.
Weer een nieuw sms’je.
Misschien kunnen we de volgende keer afspreken als vrienden, zonder verdere bijbedoelingen. Xx
Sam las het nog een keer en nog een keer. Hij snapte er niks van, het was toch gezellig. Hij had hapjes op tafel gezet, ze hadden hun levens besproken en het echt gezellig gehad.
Dat kan ook. Stuurde hij terug. Hij legt z’n telefoon op tafel neer en zoekt afleiding van z’n gedachten in z’n serie. Na 10 minuten doet hij de televisie uit en kijkt naar buiten. De lucht ziet er dreigend uit maar hij besluit alsnog naar buiten te gaan, pakt de riem van de hond en lijnt het beest aan.
De frisse lucht doet hem goed. Hij probeerde z’n gedachten op een rijtje te zetten. Het was de eerste date sinds tijden en hij kon niet begrijpen wat er mis was gegaan. Misschien had ze wel een ideaal beeld van hem door z’n verhalen en viel de werkelijkheid tegen. Ja, dat zou hij zichzelf wel wijs kunnen maken. Hij loopt een groot rondje, een beetje door de binnenstad en een klein stukje door het park. De bomen in het park zijn bijna allemaal kaal en door de bladeren is de weg amper te zien. De hond ruikt even aan een boom en doet z’n behoefte.
Ze lopen nog een halfuur tot ze eindelijk weer thuis zijn. Sam doet de hond van de lijn en gaat achter z’n laptop zitten en begint z’n mailtjes te bekijken. Z’n agent heeft hem gemaild voor een afspraak, wat spam en berichten op Facebook, waar hij eigenlijk nooit op zat.
Hij opent een word document en leest het eens door. Het is een kort fantasie verhaaltje. Hij verbetert wat dingen en past gesprekken aan, het verhaal is nu ongeveer 3 pagina’s. Hij schrijft er nog een stukje bij en zit nu op anderhalve pagina. Hij doet z’n laptop dicht en doet de open haard aan. Buiten begint het te bliksemen, hij wacht even en daar komt ook de donder. Sam houdt van dit weer, de storm. Het begint even hard te waaien en daarna is het windstil. Een paar druppeltjes vallen op de grond en na een seconde of 5 komt er een stortbui. Weer de bliksem, weer de donder.
Het valt met bakken uit de lucht.
Het haardvuur is aan en Sam zet de radio aan en gaat op de bank liggen. Hij sluit z’n ogen en valt langzaam in slaap.

Author: Martin 535 days ago

Deel 2

Het is een rustige zaterdagmiddag. Sam is al naar de markt geweest voor de boodschappen en zit nu thuis op de bank een opgenomen film te kijken. De telefoon gaat en Sam neemt op.
”Met Sam Baldacci.”
”Hey, met Ann. We hebben elkaar ontmoet in het park een paar dagen geleden.” Sam denkt even na en herinnert het zich toen.
”Ja, hai. Hoe is het met je?”
”Wel goed, ik vroeg me af wat je vanavond deed.”
”Vrijwel niks. Wil je wat gaan drinken nu je tijd genoeg hebt om te douchen.” grapt Sam. Ann lacht.
”Dat was wel mijn idee. Waar zullen we afspreken?”
”Ik dacht er aan om het bij mij thuis te doen, ik ben niet zo’n café mens. Als jij dat goed vind natuurlijk.”zegt Sam er snel achteraan.
”Ik vind het goed. Zal ik rond een uur of 8 bij je zijn?”
”Helemaal goed. Weet je het adres?”
”Ja, dat heb ik al opgezocht in het telefoonboek.” Ann lacht.
”Het klinkt bijna als een stalker.” grapt Sam.
”Maar dan zie ik je om 8 uur, tot dan.”
”Ja, 8 uur. Zie je dan.” zegt Sam en Ann hangt op. Hij kijkt naar de hond en zegt; ”Je baasje heeft een date. Een heuse echte date.” de hond kijkt hem met een scheef hoofd aan.
Sam gooit nog een blok in de open haard en kijkt z’n huis eens rond. Het is wel netjes, maar niet netjes genoeg. Op de salontafel liggen papieren die hij nog door moet lezen van z’n uitgever, post en reclame. De eettafel staat vol lege cola blikjes, een overvolle asbak en midden in die rommel staat z’n laptop. Hij kijkt op de klok. Het is 2 uur ‘s middags dus hij heeft nog tijd genoeg om op te ruimen en dat begon hij dan ook te doen.

Na 4 uur schoonmaken is Sam klaar met opruimen. De salontafel is weer smetteloos en alle rommel was van de eettafel weg, zelfs de asbak is afgewassen. Hij heeft de vaatwasser aangezet, de was gedaan en zelfs z’n bed opgemaakt. Het hele huis was aan kant. Het scheelde niet veel of hij was de ramen gaan zemen. Hij loopt naar de keuken en verwarmt de oven op 180 graden. Hij kijkt in de vriezer of hij nog een pizza heeft, wat hij nog heeft en legt de pizza tonijn in de oven. Hij heeft de radio aangezet en daar is Sweet Child of Mine op van Guns N’ Roses, hij zet de radio harder en doet een poging om het haardvuur weer aan te krijgen. Het was de hele dag al regenachtig en een lekker haardvuur deed hem altijd goed op deze dagen.
Hij had besloten vandaag niet te schrijven, een dagje vrij leek hem ook wel eens lekker.
Het was half zeven, Sam heeft de radio uitgezet en de televisie weer aan en kijkt nu een documentaire over de aarde op de BBC. Hij staat op en kijkt naar de pizza in de oven. Hij lijkt goed te zijn en Sam haalt hem er uit, snijd het in stukken en loopt weer naar de bank. Hij propt een stuk in z’n mond. De pizza is net niet heet genoeg om z’n mond te verbranden, maar precies zoals hij lekker vind.
Nadat hij de pizza had opgegeten en nog even tv had gekeken gaat hij naar boven en gaat voor de spiegel staan. Hij kijkt naar zichzelf en besluit een overhemd aan te trekken, iets wat hij haast nooit doet. Hij gaat voor z’n kast staan en zoekt een overhemd uit, een paarse met zwarte strepen die kris kras over het hemd lopen. Hij trekt het aan en doet een luchtje op. Ann komt pas over een uur, maar hij wil zich niet hoeven haasten om vijf voor acht.

De deurbel gaat. Sam staat op van de bank en loopt naar de deur. Voor de spiegel in de hal blijft hij nog even staan en doet dan de deur open.
”Ann, gezellig.” Ann staat met natte haren en een rode blos op haar wangen voor hem.
”Hai Sam.” zegt ze en haalt een haarlok uit haar gezicht.
”Kom er in.” zegt Sam en hij doet een stap opzij.
”Dankje, ik wist niet wat voor wijn je lekker vond dus ik hem maar wat mee genomen.”
”Dat is aardig van je, welke heb je meegenomen?”
”Een Merlot. Ik heb niet zoveel verstand van wijn. Hopelijk vind je hem lekker.”
”Daar kunnen we maar op één manier achter komen.” grapt Sam en hij pak de jas van Ann aan. Hij hangt de jas op en gaat Ann voor.
”Dit is mijn nederige verblijfplaats.” zegt hij. Ann kijkt rond. Het is een warme aankleding, veel donkere aardetinten en een grote bruine bank.
”Het ziet er goed uit. En daar schrijf je?” ze wijst naar de eettafel waar z’n laptop staat.
”Ja, dat is mijn werkplek, maar meestal zit ik in de hoek van de bank met de laptop op schoot.”
”Ik had het… rommeliger verwacht.”
”Ik heb ook opgeruimd. Het was een tyfusbende.” Sam kijkt zelf van z’n taalgebruik op, maar het lijkt Ann niks te doen. De hond, die voor de open haard ligt, staat op en ruikt aan Ann.
”En dit is Sherlock. Mijn hond.” Ann brengt haar hand voor de neus van de hond die er aan ruikt.
”Wat een schatje, vernoemd naar Sherlock Holmes?” vraagt ze met een glimlach op haar gezicht.
”Ja, ik ben helemaal gek van de boeken en de films.” Sam gebaart Ann te gaan zitten. Hij zet de fles wijn op het aanrecht en maakt hem open. Hij pakt 2 wijnglazen uit de kast en loopt naar Ann, zet een glas voor der neer en gaat naast der zitten. Ann schenkt de wijn in en geeft een glas aan Sam.
”Proost.” zegt ze.
”Proost.” Sam heft het glas en ze proosten.

Author: Martin 535 days ago

Sam kijkt naar de open haard en de mand ernaast die bijna leeg is. Hij pakt de mand en loopt naar buiten, naar een kleine overkapping achter zijn huis. Hij gooit wat blokken hout in de mand en loopt weer naar binnen, langs de keuken. De honing marinade van de spareribs, die op het vuur staan, vult de kleine ruimte. De hond ruikt het ook en loopt de keuken in.
”Jij wil natuurlijk wat hebben, jongen.” Zegt Sam en geeft de hond een stuk vlees. Hij loopt naar de open haard, gooit er een blok hout in, zet de mand naast de haard neer en gaat op de bank zitten. Hij neemt een slok van z’n koffie met amaretto. Het is 3 uur en begint nu een beetje te regenen. De wind huilt door de schoorsteen. Hij pakt z’n laptop en typt wat woorden in. Het is de basis voor een klein verhaal dat hij belooft had te uploaden op de site van een vriend.
Liefde, passie, jaloezie, verdenkingen, jaloezie, woede, verraad.
Dit zijn de enige woorden die hij opschrijft, het verhaal maakt hij later.
Afgelopen nacht had hij een droom over Kate. De eerste keer dat ze elkaar hadden ontmoet. Het was in een kleine buurtkroeg dicht bij de kust. Kate liep eerst voorbij, maar kwam terug en ging op de kruk naast Sam zitten. Ze begonnen te praten over het weer en toen over wat Sam deed. Ze hield er van om boeken te lezen en was blij eindelijk een schrijver te ontmoeten. Ze spraken tot de bar dicht ging. Kate nodigde Sam uit bij haar thuis nog wat te drinken, maar 5 minuten lopen van het café waar ze zaten. Sam stemde in en samen liepen ze naar Kates huis.
Ze woonde in een mooi huis met een warm interieur. Sam voelde zich er meteen thuis. Ze gingen zitten op de bank en Kate schonk koffie met amaretto in. Haar favoriete herfst drankje. Ze spraken de gehele avond en toen het bijna middernacht was vertrok Sam naar het hotel waar hij verbleef.
Hij was een slechte film aan het kijken toen iemand op de deur klopte. Sam deed open en daar stond Kate, doorweekt van de regen. Ze ging op haar tenen staan en kuste Sam.
Sam kijkt naar laptop. Die 7 woorden somden het hele verhaal van Sam en Kate samen.
Hij zet z’n laptop aan de kant, neemt een slok koffie en zet de tv aan.

Sam opent z’n ogen en kijkt op de klok. Het is 8 uur en de hond ligt voor de open haard. Er is een programma op tv over smerige banen, Sam zet de tv uit. Hij staat op en pakt de riem voor de hond. De hond hoort het geluid, staat op en springt tegen Sam aan.
”Tijd voor een wandeling, of niet jongen.” zegt Sam en doet de riem bij de hond om. Hij loopt de deur uit met de hond aan de riem. Het is gestopt met regenen en het is donker buiten op het licht van de maan na. Sam loopt door het park een paar meter van z’n huis vandaan. De hond loopt rustig naast hem en snuffelt af en toe aan wat bomen.
Een man zit op een bankje en voert de eenden, een vrouw loopt hard door het park en een oude vrouw laat haar hond uit. De vrouw die aan het hardlopen is loopt Sam voorbij en ze groeten elkaar.
Na een paar meter stopt de vrouw, loopt naar Sam, die wacht tot de hond klaar is met z’n behoefte te doen.
”Jij bent Sam toch? Sam Baldacci.” vraagt de vrouw.
”Ja, ja dat ben ik.” zegt hij.
”Dit klinkt misschien stom maar ik ben een grote fan van je werk. Je boeken, je blog. Ik vind het geweldig om ze te lezen.”
”Bedankt, er komt een dezer dagen een nieuw stuk online.” Sam draait zich om en kijkt naar de hond die nu een gat aan het graven is.
”Ik ben Ann.” Sam draait zich weer om en schud haar de hand.
”Aangenaam kennis te maken Ann.”
”Luister… wil je een keer iets met me drinken?” Ann kijkt nerveus.
”Tuurlijk, ik zal je m’n kaartje geven.” Sam graait in z’n zak en zoekt een kaartje. Nadat hij er een heeft gevonden geeft hij Ann z’n kaartje.
”Misschien, als je verder niks te doen heb, wil je nu wat drinken?”
”In deze kleren? Ik ben bezweet en ik stink.” Ann glimlacht. Sam kijkt naar de hond die nu naast hem zit.
”Je hebt gelijk. Bel me maar een keer en dan prikken we een datum.”
”Oké, leuk je te hebben ontmoet Sam.”
”Insgelijks… Ann.” Ann loop verder. Sam kijkt naar z’n hond en glimlacht. Het is 3 maanden geleden dat hij en Kate uit elkaar zijn gegaan en in die tijd heeft hij geen date gehad, niet eens een flirt. Hij lette er gewoonweg niet op.
”Kom op jongen.” zegt hij tegen de hond en ze lopen verder. Na een half uur is Sam weer thuis. Hij doet de riem bij de hond af en legt een stuk hout op het vuur, port er even in, gaat op de bank liggen en doet z’n ogen dicht. De warmte van het vuur valt als een deken over hem heen en langzaam valt hij in slaap.

Author: Martin 542 days ago

Het is grauw buiten. Mistig en koud. De bomen kaal en de mensen dik bepakt. De wind is gaan liggen en door de bomen vallen de laatste bladeren naar beneden op de met klinkers belegde straat. Een jongen loopt langs in een zwart colbert met zwarte halve handschoenen. Hij loopt hand in hand met een klein kind. Het kindje kijkt blij voor zich uit en wijst naar de mensen die voorbij lopen. De kerstversiering hangt al in het kleine dorpje en de mensen doen hun kerstinkopen. De man en het kind lopen samen naar een wafelkraam en de man koopt een wafel voor het kind.
”Ome Sam?” vraagt het kind. ”Waar gaan we naar toe?”
”We gaan naar tante Julia. Ik moet nog wat dingen regelen.”
”Mag ik dan chocolademelk?”
”Ja, jij mag chocolademelk.” zegt Sam lachend.
Ze lopen door tot ze aankomen bij een klein café aan de rand van de stad. Ze lopen naar binnen en Julia, een jongedame van een jaar of 24 met lang bruin sluik haar, groet Sam en loopt naar het kind aan z’n hand.
”Ben je daar weer Jackie.” Julia geeft de jongen een aai over z’n bol. Verlegen kruipt Jack achter een been van Sam.
”Doe niet zo gek jongen. Je bent toch niet bang voor Julia.” zegt Sam.
”Ik zal je wel wat te drinken doen. Wat zeg je van warme chocolademelk met slagroom.” de jongen komt achter Sams been vandaan en loopt achter Julia aan.
Sam gaat op de kruk aan de hoek van de bar zitten en Julia schenkt een biertje voor hem in. Jack gaat naast Sam zitten en neemt een slok van z’n warme chocolademelk.
”Julia, heb je even tijd?”
”Momentje.” ze schenkt voor de overige stamgasten nog wat drinken in en gaat aan de hoek van de bar staan.
”Even voor Jans feestje. Wat heb jij allemaal al geregeld.”
”De uitnodigingen zijn de deur uit, we houden het gewoon hier. Een arrangement naar Amsterdam, hotel etc. Ik had bedacht dat jij het eten wel zou kunnen verzorgen.” Julia steekt een sigaret op.
”Eten moet lukken. Gewoon hapjes neem ik aan, geen 4 gangen diner.” Sam lacht.
”Ja, gewoon oud Hollandse hapjes. Blokjes kaas, augurk in ham, een beetje van die dingen.”
”Dat moet lukken. Dan maak ik ze op de dag zelf wel en breng ik ze rond een uur of vier hier wel naartoe.”
”Helemaal geweldig Sam. Ik zal je nog wel even geld doen van de week. We hebben gisteren net de kas opgemaakt.”
”Doe maar rustig aan. Ik wil het ook wel uit eigen zak betalen hoor, geen probleem.”
”Is ook goed. Hoe is het verder?”
”Ja wel goed. Moet even een dagje op de kleine passen, geen idee wat ik nog met hem moet doen. Hij heeft in ieder geval m’n x box ontdekt.” Julia glimlacht en wendt zich tot het Jack.
”Vind je het een beetje leuk bij ome Sam?” het kind knikt en neemt een slok van z’n chocolademelk.
”We gaan vanmiddag nog een taart bakken.” Jack begint te lachen. ”Maar ome Sam zegt dat hij niet weet hoe dat moet.”
”Weet ome Sam niet hoe dat moet?” Julia knipoogt naar Sam. ”Misschien moet ik maar mee om hem het te leren.” Jack kijkt naar Sam.
”Zou dat mogen? Mag tante Julia mee met ons.” Sam kijkt bedenkelijk.
”Ik denk dat tante Julia het druk heeft, ze moet al die mensen hier nog drinken geven.”
”Maar ze hebben nu toch al drinken. Dan kan ze weer weg.” Sam en Julia lachen.
”Nou…” zegt Julia. ”Jan komt zo. Ik moet nog boodschappen doen en heb eigenlijk de rest van de dag vrij. Als je het niet erg vind wil ik best wel langskomen.”
”Ja, ik vind het goed. Je weet waar ik woon.”
”Dan is dat geregeld.” Julia geeft Jack een aai over z’n hoofd.
”Ik denk dat wij er weer vandoor moeten, we moeten ook nog even boodschappen doen. Heb je het op Jack?” Jack neemt een grote slok en zet z’n mok neer.
”Nu wel.”

Author: Martin 545 days ago

Het begon met een droom. Zijn droomvrouw. Zwart haar tot net boven haar schouders, bruine ogen en zo’n 1.70 lang. Hij vond het ironisch dat hij zijn droomvrouw ontmoette in zijn droom.
Hij liep door de binnenstad van Zutphen, om de een of andere reden moest hij op zoek naar haar. Hij wist dat de kans dat hij haar vond klein was, minimaal zelfs. Toch ging hij zoeken, in winkels,steegjes, cafés. Het was eind november, mistig en koud. Als ze al bestond dan was ze nu niet buiten, wie had er ook gezegd dat ze in Zutphen woonde. Misschien woonde ze wel aan de andere kant van de wereld. In gedachten ging hij weer terug naar z’n droom.

Het was een koude winteravond, hij was verdwaald of aan het rondtrekken en hij belde aan bij een groot huis. Een vrouw deed open. Ze bood hem, nadat hij het vroeg, een slaapplaats aan zolang als hij nodig had. Het enige wat hij ervoor moest doen was de school volgen die zij en haar man hadden.
De dag erna stond hij vroeg op, maakte zich klaar en volgde de vrouw naar het klaslokaal. Hij ging aan een tafel zitten en naast hem kwam ze zitten. Zijn droomvrouw. Ze glimlachte naar hem en pakte haar boeken. Hij vroeg of hij met haar mocht meekijken, dat mocht. Ze rook naar… naar van alles. Warme appeltaarten, koffie met amaretto wanneer je van de kou in een warm huis komt. Ze rook naar veiligheid, ze rook zoals ze er uit zag.
De les was afgelopen en ze bleven nog even zitten. Ze spraken over van alles en langzaam kwamen hun gezichten dichter bij elkaar. Ze deden beiden hun ogen dicht en zoenden elkaar. Het was een 5 seconden durend stukje hemel voor hem.
Plotseling werd hij wakker. Hij baalde als een stekker en deed z’n best om weer in slaap te komen, maar de slaap wilde hij niet meer vatten. De rest van de nacht bleef hij, bijna geobsedeerd nadenken over z’n droomvrouw.

Hij bleef nog een uur door de stad zwerven, kijkend in winkels en cafés. Toen hij zichzelf er van had overtuigd dat het geen zin meer had ging hij terug naar huis. Met elke minuut nam het beeld wat hij in z’n hoofd had af. Zijn droomvrouw bestond alleen in zijn hoofd.
Doordat hij die nacht niet had geslapen besloot hij op de bank te gaan liggen met de radio aan. Langzaam gingen z’n ogen dicht en viel hij in slaap.

De droom ging verder. Dit keer waren ze in zijn huis. Zij zat op de bank en hij was in de keuken eten aan het maken. Ze kwam de keuken inlopen, greep hem vast van achteren en legde haar hoofd op z’n rug. Hij pakte haar handen vast en draaide zich om. Ze omhelsden elkaar en zoenden. Weer dat fijne gevoel, weer die veiligheid. Ze ging weer op de bank voor de tv zitten en hij ging verder met koken. Toen het eten klaar was, schepte hij het eten op 2 borden en bracht haar een bord. Hij ging naast haar zitten en samen aten ze. Ze glimlachte naar hem en zei dat hij lekker had gekookt. Hij glimlachte terug.

Weer werd hij wakker. Dit keer pakte hij een potlood en papier en probeerde haar na te tekenen. Na een kwartier was hij klaar, keek er naar en knikte. Hij hing de tekening op z’n koelkast en ging er voor staan. Hij had haar op papier gezet. Zijn droomvrouw kon hij nu laten zien aan ieder die hem er om vroeg.

Author: Martin 551 days ago